Posts tonen met het label Ouderen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Ouderen. Alle posts tonen

dinsdag 2 maart 2010

Boekpresentaties ‘Dementie’ en ‘Uitwendige therapieën’


Op zaterdagmiddag 6 februari vond in Antropia te Driebergen de presentatie plaats van het boek Dementie, Achtergronden en praktijkervaringen. Dit boek is door sociaal geriater Jan-Pieter van der Steen en drie co-auteurs geschreven. Van der Steen gaf ter plekke een lezing over dementie, de antroposofische achtergronden (nieuwe visie op het ouder worden) en de mogelijke therapeutische benaderingen.

Vervolgens werd ook het boek Uitwendige therapieën gepresenteerd, geschreven door Ina Emous-van der Kooij, Sonja van Hees, Katie Willink-Maendel en Mirjam Zonneveld.

Over het eerste boek, ‘Dementie’, meldt de flaptekst:

‘Dit boek behandelt de belangrijkste vormen van dementie: de ziekte van Alzheimer, Vasculaire dementie, Frontotemporale dementie (ziekte van Pick) en de Lewy Body dementie. Het gaat in op de diagnostiek, begeleiding en omgang van mensen met dementie en beschrijft de oorzaken die tot dementie leiden. Bij dementie is verlies van het geheugen een kernsymptoom. Met het verlies van het geheugen verdwijnen de herinneringen, de biografie en daarmee de basis van het ik. Voor sommigen wordt dit verlies van het “zelf” als een ondraaglijk geestelijk lijden gezien. De vraag om euthanasie klinkt dan ook steeds vaker. Om dementie beter te kunnen begrijpen wordt in het boek de lichamelijke ontwikkeling van het geheugen beschreven. Het wordt duidelijk dat het geheugen eerder een lichaamsgebonden en kosmisch geheugen is dan een hersengeheugen. Door ons niet alleen te fixeren op het ouder wordende fysieke lichaam maar ook te kijken naar de ontwikkeling van de vrijkomende levenskrachten in de ouderdom kan er op een andere manier naar dementie gekeken worden en ontstaat er een nieuw perspectief voor degenen die lijden aan dementie.’

De inleiding van dit boek begint Jan Pieter van der Steen met het voorbeeld van mevrouw De Jong:

‘In het begin van mijn loopbaan als sociaal geriater ontmoet ik mevrouw De Jong. Zij is een 72-jarige alleenstaande vrouw die vanwege angstklachten en verwardheid bij de GGZ aangemeld wordt. Ze woont in een aanleunwoning. Door de verzorgsters van het be­lendende verzorgingshuis wordt gerapporteerd dat zij vaak belt en claimend is. Als ik mevrouw bezoek zie ik een zeer net verzorgde mevrouw, zittend in een woonkamer waar alles precies op zijn plaats ligt en waar van de vloer kan worden gegeten. Mevrouw vertelt dat ze angstig is, geheugenproblemen heeft en soms niet meer weet waar ze is. Het lopen gaat moeizaam en ze wordt steeds afhankelijker van anderen. Huilend vertelt ze dat ze geen lichamelijk en geestelijke wrak wil worden en of ik tegemoet wil komen aan haar wens tot euthanasie.

Bij haar wordt de diagnose vasculaire dementie met een aan­passingsstoornis en depressie gesteld. Op de ingestelde medicatie reageert ze matig. Het claimende gedrag neemt wel iets af, maar de stijfheid in de benen neemt toe. Het ziekte-inzicht en ziektebesef zijn wisselend aanwezig en juist op die momenten dat het inzicht in haar situatie helder is, is ze volhardend in haar wens tot euthanasie. Tijdens deze heldere momenten is mevrouw absoluut wils- en oordee1sbekwaam.

Het verdriet van mevrouw De Jong is goed invoelbaar. Ze voelt dat ze de controle en regie over haar geordende leven verliest en dat zorgt voor angst.

ln de gesprekken met de familie, de huisarts en mevrouw De Jong wordt vastgesteld dat zij niet consequent in haar wens tot euthanasie is. Er zijn momenten dat ze helemaal niet dood wil en andere momenten waarop ze weer heel duidelijk is in haar doods­wens. Lastig is het dat ze op bepaalde momenten ook niet meer weet dat ze de euthanasie wil.’

Hoe Jan Pieter van der Steen hier mee omgaat, kunt u ter plekke verder lezen. En het beste is natuurlijk om het hele boek te kopen!

Het andere op 6 februari gepresenteerde boek is ‘Uitwendige therapieën’. Dit boek is al langer uit, maar kreeg op deze manier, en terecht, nog een keer extra aandacht. Het voorwoord hiervan meldt:

‘Het ontbreken van richtlijnen voor uitwendige therapieën in het Nederlandse taalgebied was voor enkele leden van de Nederlandse Vereniging voor Antroposofisch Verpleegkundigen (NVAV), die ook de belangen van verzorgenden behartigt, aanleiding om dit boek te schrijven.

Uiteindelijk ontstond er een werkgroep van vijf personen. We bestudeerden literatuur, deden onderzoek en stelden conceptrichtlijnen op. Deze concepten zijn door een groep collega’s van commentaar voorzien. Hun reacties hebben wij dankbaar verwerkt.

We hebben ernaar gestreefd een toegankelijk boek te schrijven voor zowel verpleegkundigen als verzorgenden die onbekend zijn met uitwendige therapieën en hiervan kennis willen nemen, als voor ervaren collega’s die zich op dit vakgebied verder willen verdiepen. Het is een werkboek geworden: een praktisch boek met richtlijnen voor de applicaties, én met relevante achtergrondinformatie om de werkzaamheid van deze therapieën beter te kunnen begrijpen en verder uit te diepen.

Ook is het boek interessant voor artsen en therapeuten die vanuit de antroposofie werken, zij hebben immers te maken met patiënten die deze behandelingen ondergaan.’

Het boek kent een lange ontstaangeschiedenis van minstens vijf jaar, die laat zien hoe bijzonder het eigenlijk is. Daarvan getuigt ook het volgende gedeelte uit het ‘Voorwoord bij de tweede druk’:

‘Voor je ligt de tweede uitgave van dit boek: een herziene uitgave, uitgebreid met de baden, een uitwendige therapiemogelijkheid die we nog niet uitwerkten in de eerste druk. Deze waardevolle behandeling voor veel patiënten, zeker ook in de thuissituatie, hebben we dan ook graag uitgewerkt. Diet van Beek heeft dit weer met tekeningen ondersteund.

Van enkele substanties hebben we beschrijvingen toegevoegd in het hoofdstuk “Overige substanties” (blz. 230). En uiteraard hebben we de opmerkingen van onze collega’s verwerkt. Zo zijn bijvoorbeeld aan het register de planten, metalen en inhoudelijke begrippen toegevoegd, om het gebruiksgemak van het boek te vergroten.

Wij zijn verpleegkundigen en ervaren de uitwendige therapieën als een verrijking van ons beroep in alle sectoren van de gezondheidszorg. Dit doordat ze een bijdrage leveren aan de activering van de zelfgenezende krachten die in ieder mens aanwezig zijn. Stichting Plegan opleidingen biedt opleidingsmogelijkheden voor de professionele vaardigheden van de verschillende therapiemogelijkheden aan verpleegkundigen en verzorgenden ig (individuele gezondheidszorg). Het adres staat achterin het boek. Zo kunnen steeds meer collega’s deze bijzonder waardevolle mogelijkheden toepassen en in specifieke situaties aan mantelzorgers en zelfzorgers aanreiken. Via de V&VN afdeling Antroposofische Zorg, een afdeling van de overkoepelende landelijke organisatie Verpleegkundigen en Verzorgenden Nederland, kun je vragen naar een antroposofisch verpleegkundige in de regio die je kan ondersteunen bij het toepassen van deze uitwendige therapieën. Ook dit adres vind je achterin het boek.

Zomer 2009
Ina Emous-van der Kooij, Sonja van Hees, Katie Willink-Maendel en Mirjam Zonneveld’

Studiebijeenkomst antroposofische ouderenzorg, 19 maart


Op 19 maart 2010, 9.30-16.00 uur, is de 3e landelijke studiebijeenkomst voor initiatiefnemers in de Antroposofische Ouderenzorg. Deze bijeenkomst is een vervolg op de ontmoetingsdag in maart 2008 en maart 2009 en wordt opnieuw gehouden in Woonoord Kraaybeek, Kraaybeek 41, 3791 LH Driebergen.

Doel van de netwerkbijeenkomst op 19 maart is:
– ervaring uitwisselen t.a.v. woon/zorginitiatieven voor ouderen
– elkaar ontmoeten en inspireren
– voorbeelden uitwisselen van prille of rijpe initiatieven
– eigen expertise opbouwen om uw initiatief van de grond te krijgen

Op de vorige bijeenkomst stond het ondernemersplan centraal. Met een inleiding van Anita Lahuis van USUS werden de deelnemers geholpen met de opzet van een ondernemersplan, ook wel businessplan genoemd. Dit is immers een essentiële stap in het proces van realiseren van initiatieven in de woon/zorgsector.

Aanstaande bijeenkomst 19 maart wordt de focus gelegd op het programma van eisen en met name op al die aspecten en onderdelen die vanuit de identiteit (antroposofie) belangrijk zijn voor huisvesting. Hoe vertalen we het antroposofisch mensbeeld naar vormen en inrichtingen, de menselijke maat, kleinschaligheid, relatie met de natuur en de omgeving, en hoe geeft ieder van ons in den lande, met verschillende initiatieven en met verschillende doelgroepen/zorgvragen, daar tòch invulling aan.

De initiatiefnemers hebben de heer Yaike Dunselman, architect bij 9º Architectuur in Amersfoort (http://www.9graden.net/), bereid gevonden om 19 maart zijn deskundigheid met ons te delen. De heer Yaike Dunselman heeft met zijn collega’s veel ervaring met het opzetten van initiatieven in de woon/zorgsector.

Deelname aan de studiebijeenkomst is gratis. Wel wordt een actieve inbreng van de deelnemers gevraagd en een bereidheid tot een openhartige uitwisseling van relevante informatie en ervaring.

Aanmelding kan uitsluitend schriftelijk via secretariaat Raad van Bestuur Antroz, t.a.v. mevrouw E. Boon, v. Tetslaan 2, 3707 VD Zeist of per e-mail.

vrijdag 13 november 2009

Ouderenzorg, verpleeg- en verzorgingshuizen

.
Eén op vijf ouderen gepest in verzorgingshuis

Twintig procent van de ouderen in verzorgingshuizen wordt weleens door medebewoners gepest. Dit varieert van iemand negeren en roddelen tot het uitsluiten van mensen bij activiteiten of gezamenlijke maaltijden, blijkens een onderzoek vanuit de Radboud Universiteit in Nijmegen.
Nieuwe bewoners in verzorgingshuizen moeten wennen aan de omgangsvormen en regels in de nieuwe woonomgeving. Onderzoekster Trompetter: ‘Als ze zomaar ergens in de eetzaal gaan zitten, worden ze verjaagd. Sommige bewoners blijken een eigen plek te claimen aan een tafel bij mensen met wie ze willen omgaan. Ze bakenen zo hun territorium af. Sommige ouderen krijgen zelfs in hun gezicht te horen dat ze niet welkom zijn in een groep. Dit kan leiden tot een isolement.’

dinsdag 13 oktober 2009

Congres veroudering en dementie verstandelijk gehandicapten 26 november


Nederland vergrijst: dit geldt niet alleen voor de algemene bevolking, maar ook voor mensen met een verstandelijke handicap. Door onder andere betere medische zorg en verbetering van de leefomstandigheden is de levensverwachting van mensen met een verstandelijke handicap de afgelopen decennia sterk toegenomen. Naar verwachting zal het aandeel 50-plussers met een verstandelijke handicap stijgen van 15% in 2002 naar 25% in 2020.

Ouderdom komt met gebreken, ook bij mensen met een verstandelijke handicap. Juist bij deze mensen is het van belang dat al in een vroeg stadium van dementie adequate ondersteuning wordt geboden. Tijdens dit congres krijgt u dan ook een overzicht van de specifieke kenmerken van ouderen met een verstandelijke handicap. Daarnaast wordt er uitgebreid ingegaan op de problemen die kunnen spelen bij dementie bij verstandelijke handicap en worden de mogelijkheden voor diagnostiek besproken. Ten slotte komt uitvoerig aan bod hoe oudere en dementerende mensen met een verstandelijke handicap goed ondersteund kunnen worden.

Congres GGZ Welzijn ‘Veroudering en dementie bij mensen met een verstandelijke handicap’ op donderdag 26 november 2009, 09.30-16.00 uur, Jaarbeurs Utrecht. De kosten voor deelname bedragen € 195 (incl. btw). De deelnamekosten zijn inclusief congresmateriaal, koffie/thee, lunch en borrel. Programma en inschrijven: http://www.cursussenencongressen.nl/bijeenkomsten/congres-veroudering-en-dementie-bij-mensen-met-een-verstandelijke-handicap-463.html

Ouderenzorg, verpleeg- en verzorgingshuizen


Kleinschalige thuiszorg wint aan populariteit

Het leveren van thuiszorg op kleine schaal wint aan populariteit. Ongeveer zestig nieuwe, kleinschalige thuiszorgondernemers hebben zich het afgelopen jaar gemeld bij Branchebelang Thuiszorg Nederland (BTN). Dat is vier keer zoveel dan het jaar ervoor. De ondernemers willen op kleinere schaal thuiszorg aanbieden, omdat de grote organisaties bureaucratisch en onpersoonlijk zouden zijn. Veelal zijn de ondernemers oud-werknemers van grote thuiszorgorganisaties. De nieuwe bedrijfjes willen meestal vijf tot twintig personeelsleden.
Kleinschaligheid is een trend in de gehele thuiszorg, stellen de brancheorganisaties. Dit heeft tot gevolg dat ook grootschalige organisaties onder gaan brengen in kleine, locale afdelingen.

Verzorgingshuizen passen verbeeldingsmethodiek toe

Verzorgingstehuizen van Amsta, OsiraGroep en Cordaan in Amsterdam ronden de pilot Verbeeldingsmethodiek van Theater Veder, onderdeel van het landelijk transitieprogramma in de langdurige zorg (TPLZ), af. De Verbeeldingsmethodiek stimuleert de verbeelding om contact met mensen met geheugenproblemen te verbeteren.
De verbeelding van ouderen met geheugenproblemen wordt met theater, poëzie en het oproepen van herinneringen gestimuleerd. Door herkenning wordt het gevoel van welzijn en zelfvertrouwen van de ouderen vergroot. Dit leidt tot een verbetering van het contact met de ouderen en een vergroting van het werkplezier van de zorgomgeving. De effectiviteit van de Verbeeldingsmethodiek wordt onderzocht door het Alzheimer Centrum van het VU Medisch Centrum en de faculteit Communicatiewetenschappen van de Universiteit van Amsterdam.

dinsdag 1 september 2009

Verpleeg- en Verzorgingshuizen

Verpleeghuisarts wordt specialist ouderengeneeskunde

Vanaf 15 juli 2009 heet de ver­pleeghuisarts officieel specialist ouderengeneeskunde. De minis­ter van VWS heeft hiermee op 15 januari ingestemd.

De naam ver­pleeghuisarts is vanaf 15 juli geen beschermde titel meer. Vanaf die datum is 'specialist ouderengeneeskunde' de officiële bescherm­de titel waaronder geregistreerde leden van de beroepsgroep in liet betreffende specialisten register staan ingeschreven.
NVVA, de beroepsvereniging van verpleeghuisartsen en sociaal ge­riaters, heeft destijds het initiatief genomen voor een wijziging van de naam van de beroepsgroep.

De aanleiding was de verbreding van het vakgebied, waarvan ook de sociale geriatrie nu deel uitmaakt. Ouderen en chronisch zieken wil­len bij voorkeur in hun eigen om­geving blijven wonen. Ook als zij als gevolg van multiple pathologie kwetsbaar zijn, moeten zij daar complexe professionele zorg en behandeling kunnen ontvangen. Omdat dit betekent dat de ver­pleeghuisarts niet langer alleen zorg verleent in het verpleeghuis, maar ook in het verzorgingshuis en bij mensen thuis, was de naam niet meer passend. De verbreding van het vakgebied stelt ook nieuwe eisen aan de beroepsuitoefening. Dit heeft geleid tot een verzwaring van de opleiding.

Met de komst van de nieuwe naam voor de beroepsgroep verandert ook de naam van de vereniging. Verenso is de nieuwe naam voor de NVVA. Verenso is een samenvoe­ging van vereniging en specialisten ouderengeneeskunde/sociaal-geriaters. De nieuwe naam benadrukt zowel de zakelijke kant van de ver­eniging als de menselijke kant van de beroepsgroep.

Verzorgingshuizen dwingen vrijwillige bijdrage af

Verpleeg- en verzorgingshuizen bieden hun bewoners de laatste jaren meer extra service.

Het gaat dan om de zgn. bewassing, extra eten en drinken, kapper of pedicure, vervoer bij uitstapjes en kranten of internet. Deze extraatjes vallen niet onder de AWBZ. De prijzen daarvoor lopen per instelling sterk uiteen. Bussemaker staat achter het principe dat mensen voor extra's in de zorg ook extra betalen. Alleen moet de basiszorg wel voldoende zijn, schrijft ze in een brief aan de Tweede Kamer. Ze stelt vast dat er instellingen zijn die niet voldoen aan de normen voor verantwoorde zorg maar hun bewoners wel confronteren met extra bijdragen.
Dit noemt ze 'onwenselijk'

Bemoeizorg voor ouderen: betuttelend of beschermend?

Huisartsenvoorzieningen worden geconfronteerd met een groeiend aantal zeer kwetsbare ouderen, waarop de probleemgestuurde huisartsenzorg nog onvoldoende is ingesteld.

De probleemgestuurde werkwijze van Nederlandse huisartsen wordt gewaardeerd door patiënten, maar is voor zeer kwetsbare ouderen minder geschikt. Voor hen verdient een proactieve en soms zelfs paternalistische werkwijze de voorkeur. Ook de ziekenhuiszorg is nog onvoldoende toegesneden op het verblijf en herstel van zeer kwetsbare ouderen. In het ziekenhuis vormt met name de coördinatie van de medisch specialistische zorg bij multimorbiditeit een complex probleem, waarvoor inmiddels succesvolle oplossingen zijn bedacht en uitgeprobeerd.

Het KNMG-congres ‘Van het concert des levens’ op donderdag 1 oktober 2009 wijdt een workshop aan deze kwetsbare ouderen. Wat zijn de nieuwe werkwijzen in de zorgverlening voor deze patiëntengroep in de huisartsenvoorziening en het ziekenhuis?

woensdag 15 april 2009

Eerstelijnszorg

Uitkomst Benchmark (onderlinge vergelijking) WMO

Gemeenten sluiten contracten af met zorgaanbieders in het kader van de huishoudelijke hulp in de Wet op de Maatschappelijke Ondersteuning (WMO).

Gemeenten zijn sinds 2007 zelf verantwoordelijk voor de indicaties voor hulp bij het huishouden. Ruim 170 gemeenten hebben in 2008 aan de benchmark WMO deelgenomen. Sindsdien is er in de benchmark een verschuiving in het cliëntenbestand hulp bij het huishouden: het aandeel cliënten dat HH2 (huishoudelijke werkzaamheden inclusief organisatie van het huishouden) ontvangt was in 2007 nog 50% en in 2008 liep dit terug naar 37%.

Sinds de invoering van de WMO is ook een stijging van het aantal aanvragen voor WMO-hulpmiddelen te zien, van 19 aanvragen per 1000 inwoners in 2006 naar 27 aanvragen per 1000 inwoners in 2007. Dit heeft echter niet geleid tot een stijging van het aantal toekenningen.

Gemeenten krijgen sigaar uit eigen doos

Gemeenten ‘krijgen’ extra geld voor mensen die door bezuinigingen op de AWBZ-hulp bij de gemeentelijke zorgverlening moeten aankloppen. Staatssecretaris Bussemaker VWS heeft met de gemeenten afgesproken dat ze daar bijna € 130 miljoen voor ‘krijgen’, zei ze op 1 april 2009 in de Tweede Kamer. Het is een sigaar uit eigen doos, want de gemeenten hebben vorig jaar gezamenlijk € 257 mln bespaard op de Wmo-uitgaven waarvan ze € 130 mln niet hoeven terug te geven.
De staatssecretaris wil dat alleen mensen die echt niet zonder kunnen, nog in aanmerking komen voor begeleiding die wordt betaald uit de volksverzekering AWBZ. Een deel van de AWBZ-klanten die hun zorg in rook zien opgaan, kan bij de gemeente terecht voor huishoudelijke hulp. Om de gemeenten daar niet de dupe van te laten worden, mogen ze geld houden.
De ’bonte hond’
De Staatssecretaris gaat gemeenten overigens de namen verstrekken van personen die sinds begin dit jaar geen beroep meer kunnen doen op de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). De gemeenten leveren in ruil daarvoor gegevens van chronisch zieken aan het ministerie.

Oudere niet beter van huisbezoek?
Huisbezoeken door wijkverpleegkundigen zouden geen effect hebben op de gezondheid van ouderen met gezondheidsklachten.

Deze bezoeken kunnen beter worden afgeschaft, zegt een epidemiologe op basis van een onderzoek dat onlangs is gepubliceerd in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde. De ouderenzorg krijgt vaak het verwijt dat ze te weinig huisbezoeken aflegt en dat dit de gezondheid van ouderen niet bevordert. Wel maakten de ouderen relatief meer gebruik van hulpmiddelen en woningaanpassingen. Toch bleek dat de kosten van de gezondheidszorg niet werden beïnvloed.
 
Site Meter