Posts tonen met het label Huisartsen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Huisartsen. Alle posts tonen

zondag 28 april 2013

NVAZ-voorzitter geridderd


Op vrijdag 26 april werd de voorzitter van de NVAZ, Bert Vroon, koninklijk onderscheiden als Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. De Stentor berichtte vanuit Ommen:
‘Bert Vroon (65) uit Dalmsholte kreeg de hoogste onderscheiding door burgemeester Marc-Jan Ahne opgespeld.’
Tot de verdiensten van Vroon behoren onder meer: voorzitter College van Kerkrentmeesters, voorzitter Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders, lid van de Wetenschappelijke Adviesraad van St. Philadelphia Zorg, bestuurslid Stichting Studiecentrum Kraaybeekerhof te Driebergen, voorzitter College van Bestuur Christelijke Hogeschool Nederland te Leeuwarden, lid van de Raad van Commissarissen Corporatie Delta Wonen in Zwolle, voorzitter van het Prof. Dr. Bernard Lievegoedfonds, lid van de adviescommissie Marga Klompé fonds, bestuurslid christelijk-sociale Stichting Socires voor een verantwoordelijke samenleving, beoordelaar en auditor van excellentieprogramma’s in het Hoger Onderwijs (het zgn. Siriusprogramma).
De Stentor vermeldt verder:
‘Vroon was ook verbonden aan onder meer het CDA als Lid van het Dagelijks Bestuur in de functie van Partijpenningmeester en Partijsecretaris a.i., en aan de besturen van diverse musea.’

Op dezelfde vrijdag 26 april werd in Zeist ook Bernard Heldt geridderd. Dit wordt gemeld door ‘De Nieuwsbode Zeist’ in ‘Lintjesregen in Zeist’. Burgemeester Koos Janssen memoreerde niet alleen zijn werkzaamheden als algemeen secretaris van het Heilpedagogisch Verbond en daarna als directeur van het Edith Maryon College (tot zijn pensionering vijf maanden geleden), alsmede opleidingsinitiatieven in het antroposofische zorgveld in Nederland, Suriname en België, maar ook zijn werk voor ECCE en ELIANT. Hij vergat niet te vermelden dat Bernard Heldt jarenlang actief is voor de zorg voor verstandelijk gehandicapten in Suriname, waarmee vooral Matoekoe werd bedoeld.


De Nederlandse Vereniging van Antroposofische Artsen (NVAA) heeft op 26 april eveneens twee leden als Ridder opgenomen zien worden in de Orde van Oranje-Nassau: George Maissan en Bob Witsenburg, beiden gepensioneerd huisartsen. De NVAA laat dit weten op haar website.
George Maissan kreeg de ridderorde opgespeld vanwege zijn pioniersfunctie als huisarts in Gouda en zijn bijdrage aan diverse scholings- en verenigingsactiviteiten. Bob Witsenburg werd gelauwerd voor zijn werk als tropenarts in Ghana, zijn jarenlange werk als huisarts in Haarlem, zijn werk binnen de vereniging NVAA en zijn jarenlange inzet voor een vademecum antroposofische geneesmiddelen. Daarnaast werd hij geëerd voor zijn vrijwilligerswerk bij de Kruispost in Amsterdam en zijn inzet voor het heilpedagogische instituut Scorlewald.
De NVAA is trots op het feit dat het werk van haar leden zo gewaardeerd wordt. Eerder werden Guus van der Bie, Karel Freeve (beiden huisarts) en Steven Matthijsen (psychiater) al geëerd.

woensdag 26 oktober 2011

Eva Mees en Tonnie Bakhoven overleden


De grondlegster van de kunstzinnige therapie in Nederland, Eva Mees, is op 8 oktober vredig gestorven. In 1968 startte ze samen met haar echtgenoot de eerste opleiding voor kunstzinnige therapie: De Wervel in Zeist. De crematie van Eva Mees heeft in besloten kring plaatsgevonden. Op woensdag 12 oktober was er ’s avonds in Antropia in Driebergen een feestelijke herdenking, waarbij iedereen die zich bij Eva Mees betrokken voelde van harte welkom was.

Zaterdag 15 oktober is Tonnie Bakhoven door de poort van de dood gegaan. Zij was jarenlang de arts van het verpleeghuis de Maretak. Na de sluiting van de Maretak zette zij haar huisartsenpraktijk in Driebergen tot op hoge leeftijd voort. Tonnie was een door haar patiënten zeer gewaardeerde huisarts. Haar toewijding behelsde ononderbroken zorg, dag en nacht, zeven dagen per week. De begrafenis was op 20 oktober in Zeist.

dinsdag 2 november 2010

CQ-Index Antroposofische Gezondheidszorg

.

Het Lectoraat Antroposofische Gezondheidszorg aan Hogeschool Leiden is bezig met de validatie-meting van de Consumer Quality Index Antroposofische Gezondheidszorg (CQ-Index AG). Het doel van deze onderzoeksmeting is de oplevering van een gevalideerde patiëntenvragenlijst voor de gehele eerste lijn. Dit meetinstrument zal een belangrijke bijdrage leveren aan de wetenschappelijke verantwoording van de kwaliteit van de antroposofische gezondheidszorg.

In de komende maanden worden alle gegevens verzameld. In mei 2011 zal naar verwachting de rapportage gereed zijn en is er een eigentijds meetinstrument om de klantervaringen met de eerstelijns antroposofische gezondheidszorg routinematig te kunnen gaan meten.

Wat is de CQ-Index?

De CQ-Index is een landelijk gestandaardiseerde patiëntenvragenlijst. De CQ-Index wordt ontwikkeld voor uiteenlopende groepen patiënten en facetten van de gezondheidszorg en er zijn er in de loop van de afgelopen jaren veel ontwikkeld. Bijvoorbeeld voor huisartsenzorg, fysiotherapie, specifieke operaties en jeugdgezondheidszorg. De coördinatie en het toezicht ligt bij het Centrum Klantervaring Zorg (CKZ). Dit is onderdeel van het Nivel.

Vragenlijst

De CQ-index AG is in het afgelopen jaar ontwikkeld en heeft als basis de bestaande CQ-Index Huisartsenzorg. Daarnaast bevat de lijst vragen over de specifieke eigenheid van de AG. De basis CQ-Index Huisartsenzorg maakt het mogelijk om de resultaten te vergelijken met andere huisartsen. Met de aanvullende vragen kan de antroposofische zorg naar eigen aard gemeten worden. De vragenlijst is voor (huis)artsen, therapeuten en andere zorgverleners in de eerste lijn. De vragenlijst kan in de toekomst ook gebruikt worden om antroposofische beroepsgroepen en zorginstellingen met elkaar te vergelijken.

Twintig huisartspraktijken

In totaal werken twintig huisartspraktijken mee aan het onderzoek. De hierbij betrokken artsen zijn: Harko Alkema, Jaap Blom, Matthijs Christiaanse, Hugo Cost Budde, Ernst Ellis, Marco Ephraim, Christine Huntjens, Bart Janssen, José Korte, Joost Laceulle, Casper Post Uiterweer, Henk Reinink, Jeanette van der Schuit, Peter Staal, Marijke van Veen, Toyna van Walre de Bordes, Egbert van Wijk, Madeleen Winkler/George Maissan en Christof Zwart.

Meer informatie over het project vindt u hier.

.

dinsdag 1 september 2009

Eerstelijnszorg

Huisartsen overschrijden NZa-normen

Huisartsen werken gemiddeld tien uur per week meer dan de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) als norm hanteert. Ook overschrijden zij de norm voor het praktijkoppervlak en het aantal doktersassistentes. Dat blijkt uit de resultaten van de Meetweek van Comité WAKE UP (CWU).

Gemiddeld werken huisartsen 55,78 uur per week, exclusief diensten. De norm is 45 uur. Huisartsen staan per jaar voor gemiddeld 240 uur dienst ingeroosterd op de huisartsenpost. Hiervan wordt gemiddeld 25 procent verkocht.
Het praktijkoppervlak van gemiddeld 103 m2 is ook meer dan de norm van de NZa. De NZa gaat uit van 80 m2 en 1 fte doktersassistentie per huisarts. Dit blijkt echter 1,13 fte te zijn. Alle gegevens zijn omgerekend naar een normpraktijk.
De meetweek gaat mogelijk enkele keren per jaar herhaald worden. Zo wordt inzichtelijk of de werkdruk voor huisartsen toeneemt.

Deel Tamiflu-gebruikers wordt onwel

De Britse autoriteiten hebben meer dan vierhonderd meldingen van bijwerkingen geregistreerd van Tamiflu, het middel tegen de Mexicaanse griep.

Tussen 1 april en 6 augustus kwam bij 11 procent van de volwassenen die het middel gebruikten misselijkheid voor en 8 procent moest overgeven. Vijftien procent van de kinderen moest overgeven en tien procent kreeg last van diarree. Eén op de twintig kinderen kreeg buikpijn en drie procent werd misselijk. Voor zwangere vrouwen blijkt Tamiflu ook niet veilig. Daarom is Engeland voor hen reeds overgestapt naar Relenza, omdat dit middel niet in het bloed wordt opgenomen en daarom minder schadelijk is voor het kind.
De Belgische epidemioloog Luc Bonneux betwijfelt het effect van Tamiflu over de bijwerkingen van de Mexicaanse griep, en spreekt van de “griepmaffia”.

dinsdag 28 juli 2009

Eerstelijnszorg

Rijksvaccinatieprogramma op de helling

Naar aanleiding van het echec dat het rijksprogramma gelopen heeft bij de actie “baarmoederhalskanker”, toen slechts 50% van de geplande vaccinaties kon worden gerealiseerd, beraadt men zich nu grootscheeps over het aanbod van een massale vaccinatie tegen de zgn. Mexicaanse griep. Men wil brede groepen uit de bevolking betrekken bij de voorbereiding van de acceptatie en een tweede echec zien te voorkomen. Men ziet als oorzaak “angst” bij de bevolking, maar dit is een misrekening, want het denken over ziekte en gezondheid is sterk aan het veranderen, met steeds groter wantrouwen tegen wat centraal wordt aangeboden.
Onzekerheid over griepvaccin

Het Nationaal Influenza Centrum (NIC) stelt recent dat het onzeker is of Novartis en GlaxoSmithKline (GSK) het ‘Mexicaanse griepvaccin’ inderdaad in de herfst en volgens de afgesproken hoeveelheid van 34 miljoen doses zullen kunnen opleveren. Onzeker is ook, of hun door minister Klink van Volksgezondheid bestelde vaccin voldoende bescherming zal bieden.Er komen volgens het Centrum steeds meer aanwijzingen dat het pandemische H1N1-virus besmettelijker is dan de seizoensinfluenzavirussen. Bovendien is gebleken dat drie stammen van het nieuwe H1N1-virus resistent zijn voor de griepremmer Tamiflu. Ze zijn wel gevoelig voor de griepremmer Zanamivir (Relenza).

In Nederland lag het aantal ziektegevallen op 2 juli op 134. Twee patiënten werden in het ziekenhuis opgenomen. Er zijn geen sterfgevallen gerapporteerd. Nog steeds is er in ons land geen besmetting van mens op mens vastgesteld.

Baby’s krijgen meer prikken dan nodig

Drie vaccinaties tegen pneumokokken volstaan. Kinderen krijgen vier inentingen tegen pneumokokken. Maar met eentje minder zijn ze net zo goed beschermd, zeggen onderzoekers van het UMC Utrecht, het Nederlands Vaccin Instituut en het Spaarne Ziekenhuis in Haarlem.

Klink geeft huisarts een centrale plaats in de zorg voor chronisch zieken
Minister Klink wil, blijkens een brief aan de Tweede Kamer, betere zorg voor chronisch zieken, integraal georganiseerd en dicht bij de patiënt. Huisartsen spelen hierbij een belangrijke rol. Hierdoor staat z.i. de patiënt centraal en wordt de zorg z.i. beter afgestemd.
Betere zorg voor chronisch zieken is nodig omdat het aantal patiënten dat lijdt aan chronische aandoeningen in Nederland fors toeneemt. Op basis van demografische ontwikkelingen hebben in 2025 naar verwachting bijvoorbeeld 1,3 miljoen mensen diabetes type 1 of 2. Dat is een toename van 35% in 15 jaar tijd.
Bekostiging

De bekostiging gaat plaatsvinden op basis van integrale zorg (functionele bekostiging). Dat betekent dat er 1 prijs komt voor een bepaalde aandoening, en alle zorg die de patiënt voor die aandoening nodig heeft. Daaronder vallen bijvoorbeeld kosten voor de huisarts, praktijkondersteuner huisartsen, nurse practitioner, verpleegkundig specialist, medisch specialist en diëtist.

Minister koopt medewerking van de huisartsen

De zorguitgaven stijgen sneller dan de economie en daarom zijn ingrijpende maatregelen in de gezondheidszorg noodzakelijk. Daarom is het belangrijk dat inzichtelijk wordt welke kwaliteit van zorg geleverd wordt tegen welke prijs. Huisartsen kunnen bijvoorbeeld nog doelmatiger geneesmiddelen voorschrijven dan ze nu doen.

Dat onderschrijft de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV). Het gaat met name om maagzuurremmers en cholesterolverlagers. Om dit te stimuleren gaat minister Klink het inschrijftarief van huisartsen in 2010 verlagen met € 60 miljoen. Huisartsen kunnen dit in 2011 dan weer terugkrijgen als ze doelmatiger geneesmiddelen hebben voorgeschreven. Hiermee introduceert de minister een vorm van prestatiebeloning. Er wordt dus in feite niet gekort op de huisartsenzorg.

woensdag 29 april 2009

Eerstelijnszorg

Wereldwijde bezorgdheid over varkensgriep

Wereldwijd zijn zondag 26 april maatregelen genomen en de regels voor de import van varkensvlees aangescherpt, als gevolg van bezorgdheid over de varkensgriep, het griepvirus H1N1, dat naar mensen is overgeslagen. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) waarschuwde dat het gevaar van een pandemie aanwezig is.
Volgens de WHO zijn in Mexico zeker 81 mensen bezweken aan zware longontsteking, veroorzaakt door een griepachtige ziekte. Van sommige slachtoffers staat vast dat hun dood is veroorzaakt door het nieuwe virus, dat kenmerken combineert van vogel-, varkens- en mensenvirussen.

Er bestaat geen vaccin tegen varkensgriep en het is onduidelijk of bestaande griepvaccins effectief zijn.
Inmiddels heeft de Wereldgezondheidsorganisatie WHO heeft op 29 april de alarmfase voor de Mexicaanse griep verhoogd. Er is nu sprake van alarmfase 5, de laatste fase voordat gesproken kan worden over een pandemie.

Overzicht van ontwikkelingen in het Wmo-dossier (Wet op de Maatschappelijke Ondersteuning)

In de ledenbrief 'Stand van zaken Wmo' blikt de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) niet alleen achteruit. Ze besteedt ook aandacht aan openstaande discussiepunten met het kabinet.

Achtereenvolgens komen aan de orde:

- Financiële afspraken Wmo
- De financiële systematiek Wmo
- Afspraken over de AWBZ-pakketmaatregel
- De gevolgen van Wmo-wetswijziging met het oog op de inzet van alfahulpen
- De inzet VNG op het Meavita-dossier
- Het project De Kanteling (gericht op een nieuwe invulling van het compensatiebeginsel)
- Afspraken over een nieuw verdeelmodel voor de maatschappelijke opvang
- Informatievoorziening en ICT.

Openstaand discussiepunt met het kabinet is o.a. dat het maatschappelijk nuttig beleid de gemeenten geld kost, terwijl de baten neerslaan in het AWBZ-budget of bij verzekeraars. Deze kwestie van 'perverse prikkels' op het grensvlak tussen gemeentelijk domein en verzekerd domein is nog steeds niet opgelost.

Huisartsen in 2006 meer inkomen

Huisartsen ontvingen in 2006 boven hun inkomen € 366 miljoen; gemiddeld is dat per praktijk € 54.257. Een belangrijke oorzaak daarvan zijn de relatief hoge opbrengsten uit inschrijftarieven, consulten en innovatie.
Dit is een van de conclusies van het 'Kostenonderzoek Huisartsenzorg' van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). De NZa neemt de resultaten uit het onderzoek mee in haar advies aan de minister over functionele bekostiging van de eerstelijnszorg. De gemiddelde omzet van een huisartsenpraktijk was € 237.733 in 2006, de praktijkkosten € 183.476. In die praktijkkosten is het inkomen van de huisarts verwerkt. Het verschil tussen opbrengsten en kosten is gemiddeld € 54.257. Gecorrigeerd voor kosten die in 2006 buiten de administratie zijn gebleven, maar die door middel van een vraag in de vragenlijst zijn geïnventariseerd (bijv. de kosten van een meewerkende partner) is dit verschil € 48.508, hetgeen landelijk gelijk staat aan € 328 miljoen (dus in 2006).

Weer een nieuwigheidje: functionele bekostiging

Klink wil bezuinigen op de chronische zorg, waartoe functionele bekostiging wordt ingevoerd. Functionele bekostiging betekent dat bekostiging plaatsvindt op basis van de integrale zorg die wordt geleverd aan een patiënt met een bepaalde aandoening. Er komt éen prijs voor een bepaalde aandoening, en alle zorg die de patiënt nodig heeft voor de aandoening valt binnen die prijs. Hierdoor zou de zorg meer op de patiënt gericht worden, wat de kwaliteit zou verhogen, en de kosten zou drukken.

Door het invoeren van functionele bekostiging wordt samenwerking tussen de verschillende aanbieders noodzakelijk. Daarnaast kunnen patiënten langer binnen de eerstelijnszorg (waaronder huisartsen) in behandeling blijven, waardoor vaker voorkomen kan worden dat patiënten doorgestuurd moeten worden naar een specialist (tweede lijn).

In 2010 wil Klink dit invoeren voor COPD, hartfalen, cardiovasculair risico en diabetes. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) adviseert Klink echter om in eerste instantie alleen voor diabeteszorg en cardiovasculair risicomanagement deze vorm van bekostiging te introduceren. Dit omdat er volgens de NZa op dit moment nog niet aan alle randvoorwaarden voldaan wordt, maar de minister is het er niet met die beperking eens, zoals hij op 23 april aan de Tweede Kamer schrijft.
In dezelfde brief reageert Klink ook op een rapport van de NZa over de kosten van de huisartsenzorg. De NZa concludeert daarin, dat huisartsen meer consulten gedaan hebben, waardoor hun inkomen boven het norminkomen uitkwam. Klink vraagt de NZa om verder onderzoek naar veranderingen in de huisartsenzorg sinds 2006, en wil het vaststellen van nieuwe tarieven graag zien in relatie met de functionele bekostiging.

Toegankelijkheid oefentherapeuten Cesar en Mensendieck

Sinds 1 juli 2008 kunnen patiënten terecht bij oefentherapeuten Cesar en Mensendieck zonder verwij­zing van de huisarts. Van juli tot oktober maakte 19% van de pa­tiënten gebruik van deze nieuwe mogelijkheid. Vooral jonge, hoger opgeleide patiënten vinden ge­makkelijk zelf hun weg naar de oefentherapeut. Er wordt in totaliteit niet meer gebruik gemaakt van deze zorg dan vroeger.
 
Site Meter