Posts tonen met het label Opleidingen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Opleidingen. Alle posts tonen

zondag 28 april 2013

NVAZ-voorzitter geridderd


Op vrijdag 26 april werd de voorzitter van de NVAZ, Bert Vroon, koninklijk onderscheiden als Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. De Stentor berichtte vanuit Ommen:
‘Bert Vroon (65) uit Dalmsholte kreeg de hoogste onderscheiding door burgemeester Marc-Jan Ahne opgespeld.’
Tot de verdiensten van Vroon behoren onder meer: voorzitter College van Kerkrentmeesters, voorzitter Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders, lid van de Wetenschappelijke Adviesraad van St. Philadelphia Zorg, bestuurslid Stichting Studiecentrum Kraaybeekerhof te Driebergen, voorzitter College van Bestuur Christelijke Hogeschool Nederland te Leeuwarden, lid van de Raad van Commissarissen Corporatie Delta Wonen in Zwolle, voorzitter van het Prof. Dr. Bernard Lievegoedfonds, lid van de adviescommissie Marga Klompé fonds, bestuurslid christelijk-sociale Stichting Socires voor een verantwoordelijke samenleving, beoordelaar en auditor van excellentieprogramma’s in het Hoger Onderwijs (het zgn. Siriusprogramma).
De Stentor vermeldt verder:
‘Vroon was ook verbonden aan onder meer het CDA als Lid van het Dagelijks Bestuur in de functie van Partijpenningmeester en Partijsecretaris a.i., en aan de besturen van diverse musea.’

Op dezelfde vrijdag 26 april werd in Zeist ook Bernard Heldt geridderd. Dit wordt gemeld door ‘De Nieuwsbode Zeist’ in ‘Lintjesregen in Zeist’. Burgemeester Koos Janssen memoreerde niet alleen zijn werkzaamheden als algemeen secretaris van het Heilpedagogisch Verbond en daarna als directeur van het Edith Maryon College (tot zijn pensionering vijf maanden geleden), alsmede opleidingsinitiatieven in het antroposofische zorgveld in Nederland, Suriname en België, maar ook zijn werk voor ECCE en ELIANT. Hij vergat niet te vermelden dat Bernard Heldt jarenlang actief is voor de zorg voor verstandelijk gehandicapten in Suriname, waarmee vooral Matoekoe werd bedoeld.


De Nederlandse Vereniging van Antroposofische Artsen (NVAA) heeft op 26 april eveneens twee leden als Ridder opgenomen zien worden in de Orde van Oranje-Nassau: George Maissan en Bob Witsenburg, beiden gepensioneerd huisartsen. De NVAA laat dit weten op haar website.
George Maissan kreeg de ridderorde opgespeld vanwege zijn pioniersfunctie als huisarts in Gouda en zijn bijdrage aan diverse scholings- en verenigingsactiviteiten. Bob Witsenburg werd gelauwerd voor zijn werk als tropenarts in Ghana, zijn jarenlange werk als huisarts in Haarlem, zijn werk binnen de vereniging NVAA en zijn jarenlange inzet voor een vademecum antroposofische geneesmiddelen. Daarnaast werd hij geëerd voor zijn vrijwilligerswerk bij de Kruispost in Amsterdam en zijn inzet voor het heilpedagogische instituut Scorlewald.
De NVAA is trots op het feit dat het werk van haar leden zo gewaardeerd wordt. Eerder werden Guus van der Bie, Karel Freeve (beiden huisarts) en Steven Matthijsen (psychiater) al geëerd.

donderdag 28 maart 2013

De NVAZ in perspectief

De ledenvergadering op 11 december 2012

Na al hetgeen zich in de voorafgaande twaalf maanden had afgespeeld (zie ook ‘Recapitulatie en bezinning bij de NVAZ. De ledenvergaderingen in november 2011 en mei 2012’), vond eind 2012 een Algemene Ledenvergadering plaats waarin een nieuw perspectief voor de NVAZ gevonden moest zien te worden. Voorzichtig werden stappen gezet in een grotendeels nieuwe situatie, en, naar het zich liet aanzien, niet zonder dat er terechte hoop mocht worden gekoesterd. Toch was er nog een behoorlijk aantal niet te voorziene en niet te controleren factoren, zodat behoedzaamheid geboden was. De onverwacht hoge opkomst, zodat de vergaderruimte in gebouw Lenteleven in Zeist bijna te klein was, en de positieve stemming die tijdens de vergadering heerste, zorgden in ieder geval voor een goed begin.
De ledenvergadering was voorafgegaan door een bijeenkomst voor genodigden in Gouda op 17 oktober 2012, met de veelzeggende titel: ‘Indien er een toekomst is voor de NVAZ, hoe ziet die er uit?’ Het was een informeel gesprek tussen het bestuur van de NVAZ en een aantal stakeholders. De aanleiding waren ontwikkelingen die noopten tot evaluatie, bezinning en het formuleren van een ander perspectief voor de NVAZ, zowel qua inhoud als qua vorm.

‘Biografische’ uitdagingen

De uitkomsten werden verwerkt in de notitie ‘De NVAZ in perspectief’ van 26 november 2012, dat diende als basismateriaal voor deze ledenvergadering. De opsteller ervan, voorzitter Bert Vroon, beschreef de ontwikkelingen van de NVAZ in de jaren 2007-2012. Hij somde de ‘biografische’ uitdagingen op, waarin deze organisatie zich sinds 1 juli 2007, de oprichting van de NVAZ door een interim-bestuur, voortdurend bevindt. De aanvang werd getekend door een te hoog ambitieniveau dat tot de juiste proporties moest worden teruggebracht. De NVAZ was organisatorisch te zwaar opgetuigd en werd afgeslankt. De Ledenraad werd opgeheven.
Het werkveld was ondertussen aan grote veranderingen onderhevig. Lidinstelling Christophorus kwam in financieel zwaar weer, werd onderdeel van De Amerpoort. De Ita Wegman Stichting ging om dezelfde redenen naar de Lievegoed Zorggroep. Het Rudolf Steiner Verpleeghuis werd onderdeel van de Raphaëlstichting. De Lievegoed Zorggroep balanceerde vervolgens op de rand van de financiële afgrond. De Bellisgroep ging op in de Zonnehuizen; ook uit financiële noodzaak. De Zonnehuizen gingen failliet. LSG-Rentray en DeSeizoenen namen de Zonnehuizen via de curator over. Gevolg was ook dat NVAZ-bestuursleden verdwenen met het verdwijnen van hun organisatie of positie. Een slagvaardig en beleidsrijk team was zo nauwelijks op te bouwen.

Stand NVAZ eind 2012
Hoe was de stand bij de NVAZ op dat moment, december 2012? Na drie jaar saneren was de NVAZ op 1 januari 2012 financieel (weer) gezond. Maar met de teloorgang van Zonnehuizen Kind en Jeugd verdween ook weer ongeveer een derde van de contributieopbrengsten in 2012. Een beleidsarme noodbegroting van de NVAZ betekende daardoor het enig haalbare. Met LSG-Rentray en DeSeizoenen werden sinds kort gesprekken gevoerd over een mogelijk lidmaatschap.
Het bestuur van de NVAZ was uitgedund van zes naar vier bestuurders met derhalve twee vacatures. De institutionele zorgaanbieders brachten circa 80% van de contributie op, maar stonden zelf ook onder druk. De betrokkenheid van leden bij de NVAZ was beperkt. De NVAZ werd wel gewild maar niet echt gedragen.
Ontmoeting via congressen, onderwijs en onderzoek werden door het veld zelf en niet door de NVAZ georganiseerd. Daarmee was het profiel van de NVAZ minder zichtbaar. Voorbeelden hiervan waren en zijn de Stichting Herfstcongres, de Medische Sectie met haar voorjaarsconferentie, het Edith Maryon College (EMC) voor mbo-opleidingen, vroeger onderdeel van het Heilpedagogisch Verbond (HPV) maar apart gezet toen de NVAZ ontstond. Ook de HBO-opleiding van de beroepsverenigingen heeft in de Academie voor Antroposofische Gezondheidszorg een zelfstandige positie. Voor onderzoek is de NVAZ nauwelijks meer dan ‘incassobureau’. Het Lectoraat Antroposofische Gezondheidszorg in Leiden, medegefinancierd door de NVAZ, is zichtbaarder dan de NVAZ zelf. De NVAZ werkte met een uitgedunde ‘noodbegroting’ voor 2012 en zal dat ook voor 2013 moeten doen. Personeel was tot een minimum teruggebracht, het secretariaat kent alleen twee voltijdsbanen. Door (langdurige) ziekte van de verenigingssecretaris was het secretariaat verder uitgedund.

Functies van de NVAZ
Dat is allemaal weinig florissant. Maar toch zag de voorzitter een gemengd, maar zeker niet negatief beeld. De NVAZ vervult nog steeds een aantal zeer wezenlijke functies. Zij is voor de eerstelijn een verbindende faciliterende en vertegenwoordigende schakel en vervult als zodanig een belangrijke rol. De NVAZ heeft een ‘beschermende functie’ naar het veld als geheel, zoals wanneer een van de leden, bijvoorbeeld een beroepsvereniging, onder vuur komt te liggen (denk aan incidenten). In deze zin verschaft de NVAZ legitimatie, vooral aan de therapeuten.
– Hoewel ogenschijnlijk weinig zichtbaar, is de NVAZ wel zó gepositioneerd dat zij de breedte van het veld kan overzien en verbindingen maken, naar binnen en naar buiten. Nog los van de ‘verwijsfunctie’ waarin de NVAZ een zichtbaar loket is. Die verbindingen zijn zichtbaar naar het Lectoraat, de Leerstoel, het EMC, de Academie in oprichting, internationaal, de zorgverzekeraars, ministeries enzovoort.
– De NVAZ bewerkstelligt, rechtstreeks of indirect, ontmoeting. Dat houdt ook in wisselwerking in het licht van wat antroposofische identiteit is, zoals uitwisseling van ‘best practices’ en andere uitdagingen. De NVAZ zou uniek kunnen zijn in de ontmoeting van de eerste-, tweede- en derdelijnszorg. De opdeling in sectoren heeft dat onbedoeld beperkt.
– Verder is er de coördinatie van onderzoekthema’s: de NVAZ is vertegenwoordigd in de projectbegeleidingsgroep van het Lectoraat Antroposofische Gezondheidszorg aan Hogeschool Leiden en in het curatorium van de Lievegoed leerstoel aan de Vrije Universiteit. Daarin kan de NVAZ mede de onderzoeksthema’s (onderzoeksprogramma) bepalen. Dat wordt voorbereid binnen de NVAZ, waartoe er een werkgroep onderzoek is ingericht.
– Er is een regiefunctie voor onderwijs: de Academie, waarin de opleidingen van de beroepsgroepen momenteel worden ondergebracht, werd mede mogelijk gemaakt door de NVAZ. Er is de internationale functie, ook al hebben de beroepsgroepen eigen zelfstandige internationale vertegenwoordigingen. In de ‘werkgroep zorgverzekeringen’ wordt de relatie van het werkveld met de zorgverzekeraars door de NVAZ gecoördineerd.
– Tot slot zijn te noemen de Zorggids (verwijsfunctie), de website en De Digitale Verbreding. De NVAZ heeft altijd wel een rol gespeeld in het afficheren van de antroposofische zorg, maar door geldgebrek is dat helaas nog niet zo tot zijn recht gekomen als we zouden willen. De potentie is er echter wel degelijk.

Wat te doen?
Er zijn voldoende uitdagingen voor de antroposofische zorg; een vitaal samenwerkingsverband daarbinnen blijft essentieel en is helemaal van deze tijd. De NVAZ vervult, hoe onzichtbaar helaas soms ook, een aantal relevante functies. Die werden in het stakeholdersgesprek op 17 oktober door niemand betwist. Ook DeSeizoenen en LSG-Rentray zien functies voor een samenwerkingsverband weggelegd. De betrokkenheid bij de NVAZ is echter beperkt; de contributiekracht kwetsbaar en sommige regiefuncties, als deze er al zijn, diffuus. Dit betreft onderzoek, onderwijs, de internationale representatie en externe PR. Dit alles maakt intern een evaluatie nodig, maar ook gesprekken met relevante omringende collega-instellingen, zoals EMC, de Academie in oprichting en het Lectoraat.
Nu ook gesprekken met De Seizoenen en LSG-Rentray worden opgestart over een (mogelijke) aansluiting van hen bij de NVAZ, ligt het voor de hand beide zoektochten te integreren. Hierbij gaat het om het herijken van de doelstelling van de NVAZ. Inclusief missie, visie, strategie en vorm van de NVAZ, waaronder voorzitterschap, bestuur en sectorberaden.
De inschakeling van een procesbegeleider lijkt zinvol. Deze inventariseert de wensen over taken en inrichting van de NVAZ bij alle stakeholders: instellingen, potentiële NVAZ-leden, sectorberaden, bestuur en secretariaat. De procesbegeleider is afkomstig uit de antroposofische zorg of beweging, maar is ‘onafhankelijk’. Dat wil zeggen: geen belanghebbende. Vóór de zomer van 2013 moet het hele proces afgerond zijn, anders duurt het te lang. Het bestuur vroeg de Algemene Ledenvergadering in te stemmen met deze aanpak en dat deed zij. Waarmee een belangrijk nieuw perspectief voor de NVAZ was gegeven.
Naast dit belangrijke agendapunt waren er ook twee inhoudelijke bijdragen. De eerste werd gegeven door Phlipp Jan Flach, directeur van DeSeizoenen, die zijn ervaringen van de afgelopen twaalf maanden schetste. Het waren zijn eerste indrukken van de ervaringen opgedaan met de antroposofische zorg binnen De Seizoenen, als opvolger van De Zonnehuizen. De tweede bijdrage werd geleverd door Ron Dunselman, voormalig voorzitter van de Antroposofische Vereniging en voormalig opnamecoördinator en beleidsmedewerker van Arta Verslavingszorg, die sprak over de ‘schaduwzijde van de wil’.
We hopen een volgende keer over de inhoud van deze bijdragen meer te kunnen berichten. Houd daarom De Digitale Verbreding in de gaten!
(Overigens kunt op de website van de NVAZ onder ‘Actueel’ lezen dat het World Economic Forum uit Davos algemeen directeur Phlipp Jan Flach van DeSeizoenen heeft uitgeroepen tot Young Global Leader.)

Michel Gastkemper

Recapitulatie en bezinning bij de NVAZ

De ledenvergaderingen in november 2011 en mei 2012

Het wordt tijd De Digitale Verbreding nieuw leven in te blazen. Een goede aanleiding is er ook: de aanstaande Algemene Ledenvergadering op 25 april. De laatste keer dat u hier De Digitale Verbreding kon lezen, was in oktober 2011. Meteen de maand erop werd een Algemene Ledenvergadering gehouden. Aan het eind van dezelfde maand schudde een van de grootste lidinstellingen van de NVAZ, de Zonnehuizen, op zijn grondvesten: er moest surséance van betaling worden aangevraagd. Vervolgens in december 2011 failliet verklaard, in januari 2012 overgenomen door LSG-Rentray en de Groep Winter. Die gebeurtenis liet ook de NVAZ niet onberoerd.

Kwaliteit
Wat is er in de tussentijd allemaal gebeurd bij de NVAZ? In mei 2012 werd een Algemene Ledenvergadering gehouden, waarvan hier, net als die in november 2011, nog geen verslag is gedaan. Daarom roepen we deze twee kort even in herinnering. 17 november 2011 was de succesvolle eerste eendaagse Herfstconferentie van de NVAZ, met als thema: ‘Michaël als tijdgeest’. Zo’n honderd deelnemers kwamen hier op af en deelden onder leiding van Raoul Grouls enthousiast hun ervaringen.
Aansluitend werd ’s avonds de Algemene Ledenvergadering gehouden, met als speciale gast prof.dr. Hans Reinders, houder van de Bernard Lievegoed leerstoel in Amsterdam, die vertelde over de door hem ontwikkelde methode van ‘Beelden van kwaliteit’ (zie ook http://beeldenvankwaliteit.nl/, bijvoorbeeld ‘Leerervaringen binnen Rozemarijn’), waarvoor brede belangstelling bestaat. Niet alleen bij antroposofische instellingen, maar ook reguliere; verder hebben ook zorgverzekeraars en de overheid veel belangstelling getoond voor deze kwalitatieve methode.
Tijdens de vergadering werd gemeld dat in het kader van het project ‘Opleidingen in verbinding’, waarvan de coördinatie bij de NVAZ lag, men volop bezig was met de ontwikkeling van een basismodule Antroposofische Gezondheidszorg. En ook werd verteld hoe ver het stond met de ontwikkeling van de vernieuwde website. Heuglijk te noemen was het feit dat het gelukt was in drie jaar tijd de contributie met een derde te verminderen. Zorgen waren er ook, gezien de destijds al gedeeltelijk bekende, weinig rooskleurige financiële situatie bij stichting Zonnehuizen. Gevreesd werd voor de gevolgen voor de NVAZ als zij niet aan haar verplichtingen zou kunnen voldoen.

Persbericht
De volgende Algemene Ledenvergadering op 16 mei 2012 stond in het teken van bezinning en recapitulatie. Voorzitter Bert Vroon moest constateren dat de NVAZ een bescheiden organisatie met een beperkt secretariaat is en niet verantwoordelijk kan worden gesteld voor het management van en het toezicht op zijn lidinstellingen. Om die reden had de NVAZ op 9 december 2011 ook een persbericht uitgegeven met de volgende inhoud:
‘Met grote bezorgdheid volgt het bestuur van de NVAZ de ontwikkelingen bij stichting Zonnehuizen, de grootste lidinstelling van de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders. Tot onze grote spijt moeten ook wij vaststellen dat de situatie zeer ernstig is. Momenteel opereert een bewindvoerder en zelfs een faillissement kan niet worden uitgesloten. In relatief korte tijd is stichting Zonnehuizen in financieel zwaar weer verzeild geraakt: voor zover ook wij hebben kunnen vaststellen moet dit helaas worden toegeschreven aan inadequaat toezicht op een bedrijf en management dat niet ‘in control’ bleek.
Wij betreuren de situatie die ontstaan is zeer voor de betrokken cliënten en hun families, zo ook voor het personeel dat zich zoveel jaren professioneel heeft ingezet. Stichting Zonnehuizen is de oudste antroposofische zorgaanbieder en kan terugzien op een rijke traditie. Wij hopen oprecht dat een doorstart van deze prachtige organisatie in welke vorm dan ook mogelijk blijft met behoud van de zo inspirerende antroposofische identiteit. Uit het land bereiken ons veel bezorgde vragen. Wij kunnen die geheel begrijpen.
Allereerst moet geconstateerd worden dat de zorg bij stichting Zonnehuizen niet ter discussie staat. De inspectie heeft slechts in een uitzonderingssituatie een maatregel genomen. De cliëntenzorg gaat onverminderd en gekwalificeerd verder. De kwaliteit en professionaliteit van de andere antroposofische zorgaanbieders in Nederland staat evenmin ter discussie. Integendeel: inspectie en zorgkantoren zijn zeer tevreden over de zorg zoals geleverd door de zorgaanbieders uit het antroposofische veld. Volgens onze informatie zijn de andere antroposofische zorginstellingen financieel gezond en is er geen sprake van verscherpt toezicht door de inspecties.
De NVAZ is een samenwerkingsverband van de antroposofische zorg, waarbij de institutionele zorgaanbieders, de beroepsverenigingen en de therapeutica zijn aangesloten. In die zin bewaken wij kwaliteit en professionaliteit van de zorg onder onze leden maar kunnen wij geen verantwoording nemen voor het door individuele leden gevoerde beleid.
Wij hopen oprecht voor alle betrokkenen dat voor stichting Zonnehuizen, haar cliënten en personeel een inspirerende toekomst geboden kan worden.’

Uitdaging
Verder kon de voorzitter melden dat uit de jaarrekening 2011 van de NVAZ bleek dat het jaar 2011 was afgesloten met een positief eigen vermogen van € 140.966. Maar niettemin concludeerde het bestuur tot slot in haar jaarverslag:
‘Het Bestuur kijkt met gemengde gevoelens terug op 2011. Voor wat betreft de NVAZ kan van een zeer constructief en vruchtbaar jaar worden gesproken, zowel inhoudelijk als financieel. We vermeldden dat in ons jaarverslag.
De teloorgang van stichting Zonnehuizen echter stelt ons opnieuw voor een uitdaging waarvan de consequenties niet geheel te overzien zijn. Desalniettemin zien we het jaar 2012 met vertrouwen tegemoet. Immers de vitaliteit van de Antroposofische Gezondheidszorg is buitengewoon en – meer dan ooit – maatschappelijk relevant. In dat beeld zal ook deze zorg nieuwe perspectieven weten te vinden.’
Om deze vitaliteit te onderstrepen was de lector Antroposofische Gezondheidszorg aan Hogeschool Leiden, Erik Baars, als gast aanwezig. Hij was op 18 november 2011 aan Wageningen Universiteit gepromoveerd tot doctor in de geneeskunde met het proefschrift ‘Evidence-based Curative Health Promotion’. Hij hield een presentatie van de voortgang en de veelbelovende toekomstplannen van het lectoraat Antroposofische Gezondheidszorg (zie ook http://www.hsleiden.nl/lectoraten/Antroposofische-gezondheidszorg/).
De meest recente Algemene Ledenvergadering was op 11 december 2012. Een verslag hiervan kunt u lezen in ‘De NVAZ in perspectief’.

Michel Gastkemper

woensdag 26 oktober 2011

Pril en tegelijk concreet bouwwerk Academie en netwerk Hoger Onderwijs


Verslag werkconferentie Opleidingen in verbinding op 17 juni 2011

‘Verder bouwen aan de Academie en het netwerk Hoger Onderwijs’ was de titel van de werkconferentie die op vrijdagmiddag 17 juni werd gehouden op de bovenste verdieping van gebouw Lenteleven in Zeist, vlak boven de burelen van de NVAZ, die tekende voor de organisatie. Een belangrijk moment, halverwege het afgemeten jaar waarin het project ‘Opleidingen in verbinding’ gestalte moest krijgen. Meer tijd en geld zou er niet voor beschikbaar zijn; dus lukken of mislukken van het project hing boven deze conferentie. Lees ook ‘Start project Opleidingen in verbinding’ in De Digitale Verbreding nr. 18 van 11 februari 2011.

Als doel werd daar gesteld, ten eerste:

– Het versterken van de verbinding tussen de opleidings- en nascholingstrajecten in het veld van de antroposofische gezondheidszorg. Oprichten van een samenwerkingsverband in de vorm van een Academie Antroposofische Gezondheidszorg (Academie AG) voor hoger onderwijs.

En ten tweede:

– Het tot ontwikkeling brengen en onderhouden van een netwerk met reguliere instellingen voor hoger onderwijs vanuit het veld van de antroposofische gezondheidszorg.

Hoofdmoot

De hoofdmoot van de conferentiemiddag bestond uit het bespreken van drie voorbereide thema’s, namelijk de opzet van de basismodule, de organisatorische vormgeving van de academie en het ontwikkelen van een werkplan voor de academie. Dat gebeurde in drie verschillende groepen, met vrijwel gelijke vragen: wat is je opgevallen, welke suggesties en vragen heb je, zie je raakvlakken met meer instellingen in het netwerk hoger onderwijs? Een echte werkconferentie dus. Dat bleek ook uit de vervolgvragen, die gingen over de informatie die de deelnemer of de organisatie van de deelnemer te bieden had en welke inhoud de desbetreffende opleiding of organisatie kon leveren. Suggesties voor de samenstelling van de werkgroep en of men daar ook zelf deel van wilde uitmaken, complementeerden de algemene vragen.

Hierbij kwamen specifieke vragen over de drie thema’s. Bij de basismodule waren dat: wat belangrijk werd gevonden voor de basismodule voor hoger opgeleiden, welke delen van de eigen applicatiecursus dan nog moesten worden uitgevoerd en wat samen met andere beroepsgroepen zou kunnen worden gedaan.

Bij de vormgeving van de academie werd gevraagd naar suggesties voor de relatie met de beroepsverenigingen alsook met de instellingen in hun rol als werkgever en zorgaanbieder, en naar gezichtspunten bij de rechtsvorm en het businessplan van de academie.

Bij het werkplan van de academie richtten de vragen zich op specifieke eisen van de eigen opleiding die niet samenvallen met andere beroepsgroepen, en de gewenste nascholing die de academie zou moeten bieden, dan wel andere activiteiten die zouden moeten worden uitgevoerd.

Een hele waslijst aan vragen en vraagstellingen.

Zo droog als het nu klinkt, zo levendig bleken de uitwisselingen in de drie groepen naar aanleiding van deze vragen. Dat had ook te maken met de opdracht om de bevindingen op post-it papiertjes te noteren, te groeperen en na afloop op een geordende manier op een flap-over te plakken. Hierdoor konden de resultaten worden gedeeld met alle deelnemers en ontstond er zicht op wat elders had plaatsgevonden.

De stand van zaken

Maar een conferentie is geen conferentie als er niet ook een stevig fundament wordt gelegd door middel van een degelijke inleiding. Truida de Raaf als voorzitter van de stuurgroep gaf een informatief resumé van wat tot dan toe had plaatsgevonden, compleet met Powerpoint Presentatie. Zij verklaarde dat de beeldvorming van de academie en haar netwerk is ontstaan naar aanleiding van gesprekken met leden en besturen van beroepsverenigingen, met scholingsfunctionarissen van instellingen, door middel van een enquête, alsmede door gesprekken in het sectoroverleg van de NVAZ en in het opleidingenoverleg van de Medische Sectie. En natuurlijk met vele nachtjes erover slapen...

Ter verduidelijking vertelde zij dat hier onder ‘Hoger onderwijs’ (post) HBO en academisch onderwijs wordt verstaan. En waarom nu alleen het hoger onderwijs? Omdat het antroposofisch geïnspireerd MBO goed is georganiseerd door het Edith Maryon College (EMC) en stichting Plegan voor verplegenden en verzorgenden. De opleidingen van het EMC voor groepsleiders (de oude SPW, nu MZ – maatschappelijke zorg – genoemd) van de instellingen zijn goed ingebed in de ROC’s, volledig geïntegreerd en maatschappelijk erkend.

Je kunt je afvragen waarom de academie nu nodig is. Dat maakte Truida de Raaf duidelijk aan de hand van één beeld, waarbij als overheersende indruk een soort lappendeken overbleef van opleidingen en nascholingen.

Ga maar na: in de eerste plaats applicatieopleidingen (aanvullende antroposofische opleidingen na een regulier erkende opleiding) voor artsen (NVAA), fysiotherapeuten (NVAF), psychologen, orthopedagogen, psychotherapeute (NVAP) en verpleegkundigen (vanaf niveau 5 Plegan). Daarnaast zijn er beroepsgroepen die op dit moment geen applicatieopleiding hebben, of nog niet hebben. De relaties met hogere onderwijsinstellingen vanuit applicatieopleidingen, instellingen en beroepsverenigingen zijn nu niet op elkaar afgestemd. Hoewel het lectoraat Antroposofische Gezondheidszorg aan Hogeschool Leiden een sterke verbindende schakel vormt met betrekking tot onderzoek in het veld.

De huidige situatie levert problemen op, zo vervolgde Truida de Raaf, wat zij expliciet maakte door die met de beamer op het scherm te tonen. Ze voegde eraan toe dat we niet moeten vergeten dat voor een aantal beroepsgroepen nog geen goed applicatietraject voorhanden is: diëtisten, psychosociale hulpverleners (maatschappelijk werkers), verloskundigen, ergotherapeuten, therapeutische begeleiders (post SPH).

Toekomstige academie

Ook hierin kan de toekomstige academie voorzien. Deze start namelijk met een basismodule voor alle beroepsgroepen. Daarna volgen de vakgerichte applicaties waarbij ook nog gezamenlijke modules voor enkele beroepsgroepen mogelijk zijn. Evenals een gezamenlijk onderzoekstraject, al dan niet erkend als Master; die kan erbij horen. De coördinatie en ontwikkeling van het geheel zorgt voor de samenhang. In beeld verscheen hiertoe een prachtige samenhang, in de vorm van een stevig gebouw.

Wat daarvoor nodig zou zijn, was in de eerste plaats een samenhangende coördinatie en ontwikkeling. Dit alles leidend tot de academie en haar netwerk in de toekomst: een omvangrijk beeld. Waarin de opbouw van duurzame relaties met het hoger onderwijs in Nederland zichtbaar wordt, als ook internationaal; keuze voor Hogeschool Leiden, VU (Lievegoed leerstoel), Herdecke, en andere. Zodat daadwerkelijk iets kan worden opgebouwd, ook wat betreft onderzoek en niet te vergeten onderzoeksinstellingen zoals het Louis Bolk Instituut en natuurlijk de internationale Medische Sectie als deel van de Vrije Hogeschool voor Geesteswetenschappen. Hierbij hoort ook een goede samenwerking met andere opleidingsinstellingen (ook op MBO-niveau), zoals het EMC, het Instituut voor Biografiek, de Stichting Emerald, de opleiding Chirofonetiek en andere. En natuurlijk het onderhouden van een nauwe samenwerking met de beroepsverenigingen en instellingen binnen de NVAZ.

Op het scherm werd dit toekomstbeeld ook in woorden uitgedrukt: de mogelijkheden die deze academie en haar netwerk te bieden hebben. Om tot slot uit te komen bij de prangende en zeer pragmatische vraag, waar deze academie dan gerealiseerd zal moeten worden. Truida de Raaf onthulde dat hierover nog nauwelijks gedachten waren gevormd. Aanvankelijk werd gedacht aan een puur virtuele academie, maar inmiddels wordt ook een plek overwogen waar deze academie een anker heeft liggen. Om te besluiten met: ‘Of misschien beter gezegd een thuis, een voet aan de grond. En dan van daaruit misschien rondwandelend door het land?’

Basismodule

Dit alles als basis om met elkaar in gesprek te komen naar aanleiding van de vragen waarover de aanwezigen zich in drie groepen dienden te buigen. Bij de basismodule vroeg men zich af wat tot de inhoud zou moeten gaan behoren: mogelijk ontwikkelingspsychologie, algemene en antroposofische ziekteleer, organen, psychiatrische beelden. Onder te verdelen in verschillende modules, zodat er ook een differentiatie in ziekteleer voor artsen en paramedici en met aanvullende inhoud mogelijk wordt. Waarbij fenomenologische waarneming en praktijkervaring van groot belang zijn, naast het twee-, drie-, vier-, zeven- en twaalfledige mensbeeld. Meegenomen zou in ieder geval moeten worden: onderzoek, meditatieve scholing, ontwikkelingsprocessen en autonomie van het ik. Legio aanvullende vragen en opmerkingen kwamen boven water, een greep:

Schep helderheid in het aanbod van zoveel mogelijkheden
Biedt samenhang en overzicht
Formuleer helder waartoe je opleidt
Stel vanuit ieder beroepsprofiel een competentieprofiel samen
Betrek er in een vroeg stadium een onderwijskundige bij
Laat de basismodule qua tijd samenlopen met de betreffende opleiding
Verbreed de basiskennis naar je beroepsinhoud (of mis je dan veel in het eerste jaar of is dit juist winst voor de volgende jaren?)
Kennen de verschillende opleidingen of applicaties ook verschillende snelheden?
En dus ook verschillende opleidingseisen?
Hoe behoudt elke beroepsgroep haar eigen, individuele karakter?
Wie is verantwoordelijk voor het behoeden van de esoterische verbinding en de vrijheid daartoe?

Academievorming

Bij het gesprek over de vormgeving van de academie waren de vragen en opmerkingen niet minder prangend. Van heel praktisch tot weidse perspectieven: bekostiging coördinator, ondersteuning en docenten, wel of niet geheel geprofessionaliseerd, dan wel met vrijwilligers, meest gunstige cursustijden, locaties voor theorie- en praktijkonderwijs, tegenover bestuurlijke vraagstukken over een bestuur op afstand, toezichthoudend, bestaande uit deskundigen, helder en capabel, verbonden met de antroposofie, niet via coöptatie tot het bestuur toetredend, maar via stakeholders op basis van herkenning van de persoon en diens kwaliteiten.

De academie is het aanspreekpunt dat naar buiten als een geheel optreedt, en niet langer meer de afzonderlijke opleidingen, want die zijn hierin opgegaan. De beroepsverenigingen en instellingen blijven wel de directe partners die belang hebben bij deze academie. De rol van de beroepsverenigingen nader uitwerken, evenals het leggen van relaties met relevante organisaties en instituties in binnen- en buitenland. De coördinator als eigenlijke initiatiefnemer, met daarnaast een voor iedereen goed toegankelijke contactpersoon. Het waarborgen van de bestaande kwaliteit en deze nog vergroten.

De aanleiding voor academievorming ligt intern in de al langer levende wens te komen tot een samenhangende professionalisering, evenals bij externe druk van bijvoorbeeld ziektekostenverzekeraars. Er bestaat een grote wens om in de voortzetting van het voorbereidingsproces het procesmatig karakter tot nu toe te behouden, met ruimte voor inbreng. Het zal er vooral om gaan de academie samen te maken en ieder te vragen het beste daarvoor te leveren.

Meerjarenplan en werkplan

De groep die zich boog over de vraag naar het ontwikkelen van een werkplan voor de academie had geen kennis van de inhoud van het gesprek van de vorige groep, terwijl die ook van belang was voor de vraagstelling ten aanzien van een concreet werkplan en een meerjarenplan.

Belang werd gehecht aan de expertise van de toekomstige coördinator van de academie en aan het samenbrengen van een team van professionele opleiders met een continue coördinator. Die continuïteit kwam ook terug bij de plek, liefst centraal in het land.
Genoemd werd het maken van een inventarisatie van wat er is en het beoordelen hiervan op kwaliteit. Niet de hele tuin omspitten, maar zorgvuldig kijken wat ontwikkeld is en bruikbaar in het geheel. Misschien moet er wat verplant worden, om in het beeld van de tuin te blijven.

De wens bestaat nadrukkelijk om de eigenheid en vrijheid te respecteren. Maar hoe verhoudt zich dit tot kwaliteitsbeoordeling?
Aanbrengen van samenhang, ontwikkelen van een werkelijke integratieve geneeskunst, opbouwen van het curriculum. Helaas spreken de verschillende beroepsgroepen elkaars taal onvoldoende. Behulpzaam hierbij kan ervaringsgericht onderwijs zijn.

Goed in beeld krijgen van de vraag van studenten, ook via de instellingen, zodat het aanbod meer vraaggericht kan zijn. Een vraag die van twee kanten komt: van de student én van de opleiders.
Bevestigen en verder uitbouwen van de relatie met hogescholen en universiteiten die er al ligt, in afstemming met de NVAZ en onderzoeksinstellingen.
Commitment is nodig voor de hele academie. De relatie met beroepsverenigingen, zeker die nu een eigen applicatieopleiding hebben en dit als hun opgave zien, vraagt visie en zorgvuldige aandacht.
Communiceren en goede Public Relations verzorgen, bekendheid in het veld opbouwen, ook bij instellingen (antroposofisch en regulier) en reguliere opleidingsinstituten.

Prille concreetheid

Verder bouwen aan de Academie en het netwerk Hoger Onderwijs, deze titel van de werkconferentie werd op deze manier wel eer aangedaan. Dat bleek eens te meer toen na de drie gespreksgroepen de kansen en zorgen die tevoorschijn waren gekomen plenair werden gebundeld. De betrokkenheid was groot en aanstekelijk. Het uitwisselen en delen bleek een meerwaarde te hebben waardoor de academie in al zijn prilheid, maar niettemin concreetheid al een begin van leven begon te vertonen bij de deelnemers. Dat was de winst die deze middag, halverwege het traject, werd geboekt en die de stuurgroep ongetwijfeld de moed zal hebben gegeven de tweede helft van het jaar met nog grotere kracht voort te gaan op de ingeslagen weg. Kortom, een zeer geslaagde werkconferentie die volledig aan zijn doel beantwoordde.

Michel Gastkemper

Symposium ‘Bewustzijn in je handelen’


essentie van goede zorg
Woensdag 9 november 2011, 13.30-17.00 uur
Beauforthuis te Austerlitz (bij Zeist)

Bewustzijn voor zorg – zorg voor bewustzijn

Goede zorg betekent aansluiten bij wat de situatie in het hier en nu van ons vraagt. Deze situatie omvat zowel de cliënt, jezelf als ook de context van je werkomgeving. Op deze middag verkennen opleiders en medewerkers uit de praktijk aan de hand van ervaringen hoe bewustzijn in het handelen bijdraagt aan goede zorg. Welke handvatten vinden we om het werken met bewustzijn te verzorgen?

Doelgroep: medewerkers en opleiders in de maatschappelijke zorg.

Programma

13.00 Ontvangst met drankje
13.30 Welkom
Bewustzijn in je handelen – essentie van goede zorg, inleiding door Bernard Heldt, directeur Edith Maryon College
Bewustzijn voor elkaars leervragen in de dagelijkse praktijk, inleiding door Rob de Breij, locatiemanager Overkempe
Presentatie van de werkgroepleiders
Ervarend bewegen met Gert Siebes, fysiotherapeut
Pauze

Werkgroepen:
1. Ervarend leren in een team, Erna Trouw, projectleider ‘leren op de werkplek’ en Edmund Schulze, teamleider Overkempe
2. Bewustzijn in je handelen bij moeilijk verstaanbaar gedrag, Niels Greeve, trainer en Christoph Rosenkranz, opleidingscoördinator
3. Jouw werkplek als leerplek, Marian Graus, ROC Midden Nederland, projectleider ‘doorbraakproject werkplekleren’ in o.a. verpleeghuiszorg en Albert de Vries, Academie voor Ervaringsleren
4. Een inspirerend leer-/werkklimaat, Hetty Houtenbos en Manfred Flessner, opleidingscoördinatoren

Lerend werken en werkend leren, uitleiding door Thijs Schiphorst, consultant ervaringsleren
17.00 Afsluiting, hapje & drankje

Waar
Beauforthuis, Austerlitz
Woudenbergseweg 70
3711 AB Austerlitz (bij Zeist)

Kosten
€ 25 per persoon
studenten mbo/hbo in de zorg gratis

Aanmelding
Opgave voor 1 november via www.maryoncollege.nl of 030-6945540

Bekijk het programma

Inschrijven

Eva Mees en Tonnie Bakhoven overleden


De grondlegster van de kunstzinnige therapie in Nederland, Eva Mees, is op 8 oktober vredig gestorven. In 1968 startte ze samen met haar echtgenoot de eerste opleiding voor kunstzinnige therapie: De Wervel in Zeist. De crematie van Eva Mees heeft in besloten kring plaatsgevonden. Op woensdag 12 oktober was er ’s avonds in Antropia in Driebergen een feestelijke herdenking, waarbij iedereen die zich bij Eva Mees betrokken voelde van harte welkom was.

Zaterdag 15 oktober is Tonnie Bakhoven door de poort van de dood gegaan. Zij was jarenlang de arts van het verpleeghuis de Maretak. Na de sluiting van de Maretak zette zij haar huisartsenpraktijk in Driebergen tot op hoge leeftijd voort. Tonnie was een door haar patiënten zeer gewaardeerde huisarts. Haar toewijding behelsde ononderbroken zorg, dag en nacht, zeven dagen per week. De begrafenis was op 20 oktober in Zeist.

Vervolgbijeenkomst ‘Project Opleidingen in verbinding’ op 23 november


In dit nummer van De Digitale Verbreding is een uitvoerig verslag opgenomen van de werkconferentie ‘Project Opleidingen in verbinding’ op 17 juni. Het vervolg van die conferentie zal plaatsvinden op op woensdag 23 november van 16.00 tot 20.30 uur, in hetzelfde gebouw Lenteleven te Zeist. In de middag zal de opzet van de basismodule worden besproken en vanaf 18.30 de vormgeving van de academie. Iedere betrokkene wordt hierbij van harte uitgenodigd.

Truida de Raaf, voorzitter van de stuurgroep voor het project Opleidingen in verbinding, schreef op 20 augustus een voortgangsbericht, naar aanleiding van hetgeen tijdens de succesvolle werkconferentie door de deelnemers is bijgedragen en dat bruikbaar is om de tweede helft van de looptijd van dit project in te gaan.

Zij meldde dat Guus van der Bie als projectfunctionaris is aangesteld tot eind januari 2012. Hij zal in nauwe samenwerking met Dick Keijzer als expert en de stuurgroep werken aan de totstandkoming van de Academie en het netwerk.

In het werkplan staat dat direct na de zomervakantie twee werkgroepen van start gaan:
1. Vormgeving Basismodule Academie en van daaruit verzamelen van inhoudelijke aandachtspunten voor het werkplan/meerjarenplan van de academie.
2. Vormgeving Organisatie Academie met rechtsvorm en financieringsplan en van daaruit aandachtspunten voor een meerjarenplan.

Er wordt vooral gewerkt aan deze twee onderwerpen die noodzakelijk uitgewerkt moeten zijn voor de start van de Academie. In het werken aan deze twee thema’s worden de elementen verzameld voor het meerjarenplan/werkplan van de Academie. De relatie met een te ontwikkelen netwerk Hoger Onderwijs wordt meegenomen bij beide werkgroepen.

Ad 1. Leiding werkgroep vormgeving basismodule en schrijver: projectfunctionaris Guus van der Bie.

Alle beroepsgroepen worden betrokken bij de vormgeving van de basismodule. Guus van der Bie stuurt een uitnodiging naar alle beroepsgroepen om input te leveren. Een kerngroep, bestaande uit vertegenwoordigers van de bestaande applicatieopleidingen van artsen, fysiotherapeuten, psychotherapeuten, verpleegkundigen, gaan met deze input aan de slag onder leiding van Guus van der Bie.

Op woensdag 23 november zal een eerste concept van de basismodule worden gepresenteerd aan alle beroepsgroepen en opleidingsfunctionarissen van de instellingen. Voor de bestaande applicatieopleidingen betekent de komst van de interdisciplinaire basismodule een ingrijpende aanpassing van het eigen beroepsgerichte traject.

Planning: start basismodule september 2012, dat betekent dat januari 2012 de basismodule klaar moet zijn.

Ad 2: Leiding werkgroep Organisatie academie en schrijver: Dick Keijzer

Dick Keijzer vraagt enkele mensen met specifieke expertise op deelgebieden vanuit instellingen en beroepsverenigingen van de NVAZ.

Planning: eind januari 2012 ligt er een plan voor de rechtsvorm, relatie met NVAZ en AViN en een financieringsplan en kan de Academie worden opgericht. We hopen met dit plan de expertise die in het veld aanwezig is goed te benutten.

In beeldspraak: we willen graag alle feeën uitnodigen voor de geboorte van de Academie zodat er geen dertiende fee overgeslagen wordt. Mochten we een fee vergeten, wilt u ons daar dan op attenderen? We hebben genoeg gouden borden en bestek.

Diploma-uitreiking SPW-opleiding in Overkempe te Olst


Het tiende nummer van de Edithie, de digitale nieuwsbrief van het Edith Maryon College van oktober, ontnemen we het volgende bericht:

‘Op vrijdag 2 september zijn, in een gepast decor van een zonovergoten dag, voor het eerst diploma’s uitgereikt aan studenten van de SPW opleiding op locatie Overkempe te Olst. Dertien studenten zijn geslaagd en hebben hun beroepsdiploma voor Sociaal Pedagogisch Werker (SPW) op MBO niveau 3 of 4 in ontvangst kunnen nemen.

Drie jaar geleden heeft het Edith Maryon College in samenwerking met het management op locatie aldaar een opleidingtraject ingericht voor medewerkers uit deze regio. In deze opleiding, die bedoeld is voor medewerkers met nog weinig kennis en ervaring in de zorg, hebben de studenten gewerkt aan hun persoonlijk en professioneel functioneren binnen de kaders van de landelijk erkende beroepseisen en in de context van een antroposofisch geïnspireerde zorgverlening. Vanwege deze context werd naast het reguliere beroepsdiploma ook het getuigschrift voor “Therapeutische begeleider in antroposofische zorg en hulpverlening” uitgereikt.

De diploma-uitreiking werd door diverse bijdragen een kleurrijke middag! Jean Luc Pylyser, docent drama, leidde de uitreiking in met een beeldend verhaal en drie studenten vertelden op hun eigen wijze over hun ontwikkelingsweg tijdens de opleiding.

Rob de Breij, locatiemanager van Overkempe, liet in zijn toespraak drie jaar opleiding op deze locatie de revue passeren en gaf het belang aan van het praktijkgerichte opleiden voor instellingen.’

De namen van de afgestudeerden zijn te vinden onderaan de genoemde Edithie.

woensdag 25 mei 2011

Opleidingen en interdisciplinaire nascholingen


Opleidings- en scholingsaanbod van het Edith Maryon College

Het Edith Maryon College (EMC) is voortvarend bezig op opleidingsgebied. Activiteiten zijn er op diverse locaties.

Op locatie Zeist begon in januari een nieuwe groep van twintig mensen aan de driejarige BBL-opleiding maatschappelijk zorg, MZ niveau 4. Ook is hier met twaalf studenten een niveau 2 opleiding (Helpende Zorg en Welzijn) voor gastouders. Dit is een verkorte opleiding (zes maanden in plaats van twee jaar). Hiermee komt het aantal van studenten in de initiële opleidingen op 187 te staan; een aantal dat nog niet eerder bereikt was!

Op het gebied van bij- en nascholing zijn er diverse trajecten. Op locatie Orion te Rotterdam, een Oriëntatiecursus antroposofische zorg en hulpverlening van negen dagdelen. De cursus richt zich op nieuwe of zich nog oriënterende medewerkers, ouders en belangstellenden.

Op locatie Zeist is door Merlijn Trouw, bestuurder OlmenEs, en Michiel ter Horst, voorzitter Iona Stichting, een tweedaagse training Theory U gegeven.

Het scholingsprogramma voor meerdere groepen van de Ita Wegman Divisie van de Lievegoed Zorggroep vindt plaats op locatie Zeist. Naast een werkbijeenkomst met de managers is er voor persoonlijk begeleiders een training geweest met het thema ‘Omgaan met moeilijk verstaanbaar gedrag’. Daarnaast zijn er twee trainingstrajecten ‘Van mensbeeld naar methodiek’ gestart.

Bron: http://www.maryoncollege.nl/nieuwsbrief/edithie_nr7.htm


Interdisciplinaire nascholing: Als een feniks uit de as, herstellen en voorkomen van burn-out

Nascholing voor artsen, psychotherapeuten, biografische coaches, verpleegkundigen, kunstzinnig therapeuten beeldend en muziek, leerkrachten en andere disciplines in gezondheidszorg, welzijn en pedagogie. Meer informatie over Als een feniks uit de as.

Data, tijd en plaats: vrijdagen 9 en 30 september 2011, 09.30-16.30 uur in Hogeschool Leiden. Inschrijven vóór 1 augustus 2011, via het inschrijfformulier

Docenten: Annejet Rumke, arts en schrijver van het boek over dit thema en Victoria Smits van Ooyen kunstzinnig therapeut beeldend.

Kosten: € 275,- inclusief koffie/thee, lunch en materiaal.

Maximum aantal deelnemers: 25.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de managementondersteuning van het cluster Zorg: 071 5188700 of: nascholing.ag-kt@hsleiden.nl

Bron: http://www.hsleiden.nl/posthbo-kt/feniks-uit-de-as


Helende beelden, zien met het hart, werken uit inzicht

Interdisciplinaire nascholing over het werken met beelden, storytelling en andere methodieken die gebruikt kunnen worden bij beeldende en muziektherapie, bij counseling, biografiegesprekken, in spel- en psychotherapie en in de pedagogie. Meer informatie over Helende beelden.

Data, tijd en plaats: vrijdagen 16 en 30 september 2011, 09.30-16.30 uur in Driebergen-Zeist.

Inschrijven vóór 16 augustus 2011 via het inschrijfformulier

Docenten: Annejet Rumke, arts/psychotherapeut, Natalie Peters, kunstzinnig therapeut beeldend en Nan van Leeuwen, muziektherapeut.

Kosten voor twee dagen: € 285,- inclusief koffie/thee, lunch en materiaal.

Maximum aantal deelnemers: 30.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de managementondersteuning van het cluster Zorg: 071 5188700 of: nascholing.ag-kt@hsleiden.nl

Bron: http://www.hsleiden.nl/posthbo-kt/helende-beelden


Start basisopleiding antroposofisch arts september 2011

De Nederlandse Vereniging van Antroposofische Artsen (NVAA) verzorgt de Opleiding Antroposofische Geneeskunde voor artsen en tandartsen. De gehele opleiding bestaat uit de Basisopleiding, de Voortgezette Opleiding en de Praktijkopleiding. De opleidingsduur bedraagt minimaal drie jaar in deeltijd. In september 2011 start de basisopleiding van deze opleiding tot antroposofisch arts.

Antroposofische geneeskunde is een aanvulling op de reguliere geneeskunde. De opleiding heeft als doel de cursist uitgebreid te laten kennismaken en oefenen met het antroposofische mensbeeld. Daarnaast leert de cursist de vele verschillende antroposofische therapieën kennen, zowel medicamenteuze als niet-medicamenteuze, zoals kunstzinnige therapie, bewegingstherapie en dergelijke.

Het zoeken naar een grotere samenhang tussen processen in de mens, en tussen de mens en zijn omgeving en de natuur krijgen hierbij veel aandacht. En wel op een manier die net zo gedegen, zorgvuldig en voorstelbaar is als de gangbare universitaire studie, en die tegelijkertijd recht doet aan hoofd èn hart.

De cursus is zo opgezet dat de deelnemer de cursus (in principe) kan combineren met een lopende praktijk.

Het certificaat ‘Antroposofisch arts’ kan verkregen worden door degene die de gehele opleiding met succes doorlopen heeft, geregistreerd is als arts of tandarts en lid is van de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Artsen.

Bron: http://www.nvaa.nl/arts_certificering.htm

Aankondigingen


Werkconferentie ‘Verder bouwen aan de Academie en het netwerk Hoger Onderwijs’

Op vrijdag 17 juni van 14.00 tot 17.00 uur (de locatie zal nog worden bekendgemaakt) zal de werkconferentie ‘Verder bouwen aan de Academie en het netwerk Hoger Onderwijs’ worden gehouden.

Doel van deze conferentie:
– bespreken van een voorstel om over te gaan tot het oprichten van een Academie voor (aanvullend) onderwijs t.b.v. de antroposofische gezondheidszorg op niveau 5 en hoger;
– lijnen vast te stellen waarlangs verder gewerkt wordt aan een netwerk hoger onderwijs met enkele erkende instellingen voor HBO en universitair onderwijs en de toekomstige Academie;
– concreet begin te maken met de inhoudelijke uitwerking van een gezamenlijke interdisciplinaire basismodule;
– aandragen van bouwstenen voor het werkplan van de op te richten Academie.

Degenen die beroepshalve geïnteresseerd zijn in deze werkconferentie, worden verzocht zich per e-mail aan te melden bij Marga Prent, secretariaat NVAZ, m.prent@nvaz.nl.

De werkconferentie wordt georganiseerd door de stuurgroep van het project ‘Opleidingen In Verbinding’: Mieke van den Goorbergh (vertegenwoordiging NVAZ-bestuur), Marinus van der Meulen (NVAZ sector Instellingen) en Truida de Raaf (opleidingenoverleg Medische Sectie AViN).

Projectleider: Maarten Michiel Mahler (tot 1 mei 2011).
Externe adviseur: Dick Keijzer.

Overige activiteiten

Hieronder treft u een overzicht aan van de activiteiten bij de NVAZ of bij één van de lidinstellingen van de NVAZ. Kijkt u in de agenda op de NVAZ-website voor aanvullende informatie.

17 juni 2011, 10.00-13.00 uur: Symposium ‘Beelden van Kwaliteit’
17 juni 2011, 14.00-17.00 uur: Conferentie ‘Opleidingen in verbinding’
3-6 augustus 2011: Congres ‘Living in the Encounter’


Bron afbeelding 13 mei 2010: http://oogwandeling.blogspot.com/2010_05_01_archive.html
Jong groen: http://oogwandeling.blogspot.com/2010/05/jong-groen.html

vrijdag 11 februari 2011

Start project Opleidingen in verbinding


Ontwikkeling Academie Antroposofische Gezondheidszorg en Netwerk Hoger onderwijs

Per 1 januari 2011 is het project Opleidingen in verbinding van start gegaan. Dit is een samenwerkingsverband van het Opleidingenoverleg van de medische sectie van de Antroposofische Vereniging in Nederland (Opleidingenoverleg AViN) en de Nederlandse Vereniging van Antroposofische Zorgaanbieders (NVAZ).

De aanleiding voor dit project is de al langer gevoelde noodzaak om te komen tot een nadere samenwerking tussen de vele afzonderlijke opleidingen en scholingstrajecten in het veld van de antroposofische gezondheidszorg (AG) in Nederland, en tot een hechte en duurzame inbedding in het reguliere veld van opleiding en scholing.

Deze noodzaak is sinds vele jaren onderwerp van gesprek geweest in het Opleidingenoverleg AViN. Daarnaast heeft de NVAZ in 2010 het thema Opleidingen als beleidsgebied opgenomen in haar meerjarenbeleid, daar opleiding en scholing mede van groot belang is voor de zorgaanbieders.

In de vanuit het Opleidingenoverleg ingerichte Taskforce opleidingen is in september 2010 besloten tot het gezamenlijk inrichten van een project voor de duur van circa één jaar. De Taskforce is met het nemen van het genoemde besluit aan een einde gekomen en opgeheven.

De kernopdracht van het project is om te komen tot een omvattend beleid voor hoger onderwijs in het veld van de antroposofische gezondheidszorg. Nadere doelstellingen zijn:

– Versterken van de verbinding tussen de opleidings- en nascholingstrajecten in het veld van de AG. Oprichten van een samenwerkingsverband in de vorm van een Academie Antroposofische Gezondheidszorg (Academie AG) voor hoger onderwijs;
– Tot ontwikkeling brengen en onderhouden van een netwerk met reguliere instellingen voor hoger onderwijs vanuit het veld van de AG.
Het project heeft de looptijd van in principe één jaar.

Het project wordt aangestuurd door een stuurgroep bestaande uit Truida de Raaf, voorzitter, namens de (medische sectie van de) AViN, Mieke van den Goorbergh, namens het bestuur NVAZ, en Marinus van der Meulen vanuit de NVAZ sector instellingen.

Voor de uitvoering van het project is als projectleider Maarten Michiel Mahler aangesteld voor een dag per week. De middelen hiertoe zijn door de NVAZ beschikbaar gesteld. Daarnaast heeft de AViN middelen toegezegd waaruit de benodigde expertise op gebied van hoger onderwijs zal worden ingehuurd in de persoon van Dick Keijzer.

De stuurgroep denkt in dit traject de volgende resultaten te behalen:
1. Er is een Academie Antroposofische Gezondheidszorg i.o.;
2. Er is een netwerk met reguliere instellingen voor hoger onderwijs vanuit het veld van de AG.
Aan deze resultaten zal ten grondslag liggen:
a. een omvattende beschrijving van de huidige situatie inclusief kansen en bedreigingen;
b. een beschrijving van de gewenste reële situatie inclusief inventarisatie van kansen en risico’s;
c. een Plan van Aanpak voor de implementatie van de gewenste situatie. Waar mogelijk zijn uitwerkingsstappen al gezet;
d. een advies als onderdeel van het plan van aanpak over de gewenste opvolging van het project inclusief een voorstel voor de juridische constructie (rechtsvorm).
Behalve de rapportage aan de opdrachtgevers – het bestuur NVAZ en het Opleidingenoverleg – zullen de direct belanghebbenden door middel van regelmatige berichtgeving, vragenrondes enzovoort nauw bij de beleidsontwikkeling worden betrokken. Deze belanghebbenden zijn de bij de NVAZ aangesloten instellingen, de bij de NVAZ aangesloten beroepsverenigingen, en de zelfstandige opleidingen in het veld van de AG.

Op vrijdag 17 juni 2011 zal van 14.00 tot 17.00 uur in Zeist een conferentie ‘Opleidingen in verbinding’ gehouden worden voor vertegenwoordigers uit het veld van de AG, waarin de tussentijdse resultaten zullen worden gepresenteerd en bespoken. Naast een analyse van de status quo zal in concept de mogelijk gewenste toekomstige situatie worden voorgesteld. Het gesprek zal richtinggevend zijn voor de verdere uitwerking van het project.
Wij willen u vragen indien van toepassing deze datum alvast in uw agenda te reserveren.

Namens de stuurgroep,
Truida de Raaf, voorzitter
Maarten Michiel Mahler, projectleider

dinsdag 2 november 2010

Aankondiging symposium, congres en minor

.

Op de website van de NVAZ zijn op de pagina met de Agenda de volgende twee aankondigingen te vinden.

– vrijdag 12 november: Symposium ‘Preventief en curatief gezondheid bevorderen’. Lectoraat Antroposofische Gezondheidszorg, Hogeschool Leiden

– vrijdag en zaterdag 26 en 27 november: Herfstcongres 2010 ‘Slapen & Waken – Harmonie & Verstoring’. Visie en behandeling in de verschillende therapieën op antroposofische grondslag


Minor antroposofische gezondheidszorg voor studenten in het HBO (3e en 4e jaars) en WO in hun bachelorfase (3e jaars)

Voor meer informatie over overige opleidingen op gebied van antroposofische gezondheidszorg kunt u terecht op de overzichtspagina op de website van de NVAZ.


donderdag 17 juni 2010

Nieuwsbrieven te kust en te keur


We zien steeds meer organisaties en instellingen die een eigen nieuwsbrief in de vorm van direct mail uitbrengen. Enkele die sinds de vorige De Digitale Verbreding, uitgave 15, van 2 maart 2010 zijn verschenen, zijn het waard hier expliciet te noemen.

Als eerste eentje die we al eerder hebben gezien: de digitale nieuwsbrief van het Edith Maryon College. Op hun website staat helemaal bovenaan aangeprezen: ‘Bekijk de laatste editie van De Edithie’. Op dit moment betreft dit het derde nummer van de Edithie waarover de redactie schrijft:

‘Wij willen met de Edithie een platform creëren waarop beroepsopleidingen en nascholing in de (antroposofische) zorg en hulpverlening gepresenteerd worden. Met deze bundeling van expertise willen we met elkaar een netwerk-kenniscentrum vormen. Alle lezers van de Edithie zijn uitgenodigd hun scholingsaanbod – voor zover zij daar anderen in mee willen laten participeren – of vragen, ideeën en artikelen met betrekking tot scholingsactiviteiten in de edities van de Edithie te plaatsen.’

Twee belangrijke ontwikkelingen die in dit nummer gemeld worden, willen we hier memoreren. Om te beginnen ‘Verandering in de zorg vraagt om verandering in opleiden’, over de omvorming van de opleiding SPW naar de opleiding MZ (Maatschappelijke Zorg).

Het andere bericht gaat over ‘Samenwerking met ROC Midden-Nederland’ waarbij het Edith Maryon College zich oriënteert op samenwerking met de sector Zorg en Welzijn van ROC Midden-Nederland (ROC MN). Dit ROC heeft een groot aantal BBL (Beroeps Begeleidende Leerweg) studenten in Zorg en Welzijn en kan daarom een interessante samenwerkingspartner zijn.

Een ander nieuwsmedium dat de moeite waard is, is de eerste nieuwsbrief van de Academie voor Ervaringsleren. Dit is een nog jonge organisatie, maar met enkele oudgedienden: Albert de Vries, Erna Trouw en Anne Machiel. Zij schrijven in de introductie:

‘Er zijn af en toe artikelen waarin verslag wordt gedaan van onderzoek vanuit ervaringsleren en er zijn af en toe zaken aan te kondigen. Kortom aanleidingen om een nieuwsbrief in het leven te roepen. Voor u ligt het eerste nummer. Deze nieuwsbrief zal onregelmatig verschijnen. Wanneer u zich heeft aangemeld voor de nieuwsbrief, dan wordt u automatisch op de hoogte gehouden. Heeft u zelf artikelen of mededelingen die u zou willen plaatsen, dan ontvangen wij die graag van u.’

Hier is hij te downloaden:

Nieuwsbrief 1 (mei 2010), met daarin een kort onderzoeksverslag: Léontine Vreeman: Twee pestende leerlingen werden mijn assistent.’

Minor antroposofische gezondheidszorg


Voor studenten die graag kennis wil maken met antroposofische gezichtspunten op gezondheid en ziekte, is er deze minor. De antroposofische gezondheidszorg is een vorm van integratieve zorg en hulpverlening. De minor biedt de mogelijkheid om al tijdens je studie (bachelor) deze kijk op gezondheid en ziekte kennis te leren kennen en zo je blik te verruimen.

Doelgroep
De minor is bedoeld voor studenten in het HBO (3e en 4e jaars) en WO in hun bachelorfase (3e jaars) in gezondheidszorgberoepen.

Doelen
Blikveld verruimen door de scholing van je waarneming met behulp van de goetheanistische fenomenologie. Levendiger denken vergroten van oordeelsvermogen. Kennis maken met de antroposofische mensvisie en toepassingen ten aanzien van gezondheid en ziekte.

Inhouden
Verschillende didactische werkvormen worden toegepast. Naast mondelinge overdracht en oefeningen worden er kunstzinnige werkvormen gegeven om deze andere kijk op mens en gezondheid en ziekte te ervaren.

Praktisch
– Aantal EC: 15
– Studiebelasting: 420 uur
– Locatie: Hogeschool Leiden
– Moduleleiding: Truida de Raaf, GZ-psycholoog

Klik hier voor uitgebreide informatie over de minor ‘Een andere kijk op gezondheid en ziekte’.

Voor meer informatie over overige opleidingen op gebied van antroposofische gezondheidszorg kunt u terecht op de overzichtspagina op de website van de NVAZ.

dinsdag 2 maart 2010

In partnerschap het Competentie Gericht Onderwijs inrichten


In De Edithie nr. 2, uitgave van het Edith Maryon College, instituut voor opleiding en scholing in de zorg, dat verschenen is op 17 februari, lezen wij het volgende bericht:

Het Edith Maryon College organiseert 6 werkveldbijeenkomsten waarin in samenwerking met betrokken functionarissen van de zorginstellingen waar de studenten werken of stage lopen het Competentie Gericht Onderwijs (CGO) vorm wordt gegeven.

Er zijn 4 bijeenkomsten geweest en daar waren telkens zo’n 20 praktijkopleiders, werkbegeleiders, coaches, coördinatoren en leidinggevenden van diverse zorginstellingen aanwezig. De aanwezigen hebben hard gewerkt aan de inrichting van het CG Onderwijs, aan het bijstellen van de beroepsproducten-catalogus, het maken van projecten, het meedenken in de examinering en de inrichting van de beroepspraktijkvorming. De verslagen van de werkveldbijeenkomsten zijn te vinden op www.maryoncollege.nl

Partnerschap met de zorgorganisaties staat centraal in de visie van het Edith Maryon College. Vanuit de motieven ‘ontwikkelen, verbinden, verantwoorden en ondernemen’ werken de zorgorganisatie en de opleiding samen aan de beroepsontwikkeling van de medewerker-in-opleiding, de student.

In het CGO is samenwerking met het werkveld een belangrijk item. Het vormgeven van partnerschap zal de komende jaren meer aandacht krijgen, omdat daar nog veel te verbeteren valt, zoals bleek uit onze laatste bijeenkomst over de inrichting van de Beroepspraktijkvorming.

In het CGO zullen studenten werken aan kerntaken, werkprocessen en competenties. Dit betekent een lerende houding van de docent en een actieve rol voor de student. Hiertoe zal het EMC de komende maanden een pilot starten (5 keer) met de coördinatoren. Zij zullen werken aan het in de praktijk brengen van de visie van het EMC in concrete lessituaties, zoals beschreven in het boekje ‘Kijkrichting en inrichting’.

Voor het CGO heeft het EMC een ontwikkelgroep ingericht, bestaande uit de volgende opleidingscoördinatoren: Christoph Rosenkranz (voorzitter), Hetty Houtenbos, Manfred Flessner en ondergetekende. Zij zullen het ontwikkelde concept verder uitwerken en implementeren in samenwerking met alle betrokkenen.

Alexandra Buijsman,
Beleidsmedewerker kwaliteit, opleidingscoördinator en docent

Interdisciplinaire Nascholing ‘Depressie’, 22 april


Interdisciplinaire Nascholing ‘Depressie’, Hogeschool Leiden, 22 april

Deze nascholing richt zich op professionals in de gezondheidszorg (huisartsen, psychiaters, avg-artsen, psychotherapeuten, eerstelijns psychologen, orthopedagogen, kunstzinnige therapeuten/vaktherapeuten, diëtisten en verpleegkundigen).

Aanleiding

In 2020 zal depressie, volgens de World Health Organization, de meest voorkomende aandoening zijn in de wereld. De diagnose depressie wordt steeds vaker gesteld. Volgens Trudie Dehue is er sprake van een ‘depressie-epidemie’. Ten dele hangt dit samen met het oprekken van het begrip depressiviteit. Normale somberheid krijgt een medisch etiket. De farmaceutische industrie speelt hier op in door bij ‘sub’-depressiviteit het gebruik van antidepressiva te propageren. Door tijdgebrek geplaagde huisartsen kiezen massaal SSRI’s die weinig bijwerkingen zouden hebben, voor te schrijven voor sociale ellende. Dat deze middelen niet ongevaarlijk kunnen zijn, werd kortgeleden door het tv-programma ‘Radar’ uit de doeken gedaan. De bijsluiter van deze middelen vermeldt niet dat onverwachte agressie of suïcidaliteit door gebruik van SSRI’s kan worden uitgelokt.

Depressie blijkt een veel chronischer beloop te hebben dan vroeger werd aangenomen. Na twee depressieve episodes te hebben doorgemaakt, is de kans op recidief depressie gestegen tot 75%! Herstel blijkt lang niet altijd restloos te zijn.

Tot slot leidt de wijze van diagnostiek door middel van de classificatie van de DSM-IV-TR tot onhelderheid. De diagnose depressie zou volgens deze classificatie meer dan 200 variaties omvatten. Onderzoek naar ontstaan en behandeling van depressie gaan mank aan de veelvormigheid van de diagnose.

Inhoud

In deze nascholing wordt onderzocht in hoeverre het vierledig mensbeeld (Ik-astraallichaam-etherlichaam-fysiek lichaam) in de antroposofische geneeskunst bijdraagt tot een specifiekere en individuelere diagnose van depressie. De symptomen en de ontwikkeling van de patiënt worden met elkaar in relatie gebracht. Aan de hand van actueel onderzoek wordt dit vierledig mensbeeld verbonden met vier groepen van risicofactoren op het ontstaan van depressie. Tegenover deze vier groepen risicofactoren staan vier organisatieprincipes van zelfgenezing, die uitgangspunt voor een op het individu afgestemde behandeling vormen. Multimethodische behandelplannen ontwikkeld vanuit deze visie maken het gebruik van SSRI’s grotendeels overbodig en leiden tot een betere kwaliteit van leven van de depressieve patiënt. In de nascholing wordt stilgestaan bij de reguliere en antroposofische behandelmethoden die momenteel gangbaar zijn. Er is gelegenheid eigen casuïstiek in te brengen. Het doel van de nascholing is de diagnostiek en behandeling van depressie te actualiseren en optimaliseren.

Docenten

Medewerking wordt verleend door Esther Vis, muziektherapeut en docent aan Hogeschool Leiden. Zij zal vanuit de muziektherapie de genoemde vier systeemniveaus karakteriseren ten aanzien van diagnose en behandeling. Marko van Gerven, psychiater, werkt aan een Bolk’s Companion over depressie en zal het algemene deel verzorgen. Een syllabus wordt uitgereikt waarin de belangrijkste achtergronden en behandel overzichten zijn samengebracht.

Plaats: Hogeschool Leiden, Zernikedreef 11, 2333 CK Leiden
Datum en tijd: donderdag 22 april 2010 van 14.00 tot 21.00 uur
Kosten: € 130 inclusief koffie/thee en avondmaaltijd en syllabus
Inschrijven: vóór 1 april via de website www.hsleiden.nl/posthbo-kt/aanbodnascholing
Informatie: Alice Kurpershoek, (071) 51 88 710 of e-mail: kurpershoek.a@hsleiden.nl
Docenten: Drs. Marko van Gerven, psychiater, met een bijdrage van Esther Vis, muziektherapeut
 
Site Meter